Thailand: May till July 2004

Phuket, via Kanchanaburi to Nong Khai.

Dinsdag 18/05/04:
———————-
Rond 10u30 geland in Phuket, met alle bagage en een (onbeschadigde) fiets. Na een uurtje was de fiets volledig uitgepakt en gemonteerd. Ondanks de 32° C en geen nachtrust toch al een toertje van een 3-tal uurtjes gemaakt over het eiland, vnl tussen rubberboom plantages. De eerste overnachting was aan het strand van Nai Yang. Om 16u00 lokale tijd ben ik gaan slapen, pompaf.

Woensdag 19/05/04:
————————-
Een dagje relaxen was het motto voor de dag. Kort na de middag opgestaan en gaan “ontbijten” op het strand, daarna een beetje gezwommen. Hier is het geen “miserie” zoals bij ons om in zee te gaan, het water is +/- op lichaamstemperatuur. Later op de middag naar de coiffeur geweest (dringend nodig) en nog wat op het strand gelegen; nog eens iets gegeten, iets gedronken, kortom, perfecte dag.

thailand1 033

Donderdag 20/05/04:
————————-
Gisteravond besloten om toch al verder te reizen, maar natuurlijk veel te laat opgestaan. Daardoor ben ik pas rond 10u00 vertrokken het eiland af richting Phang Nha. Echt spectaculair kan je de eerste rit niet noemen, aangezien die enkel over een vrij grote, best wel drukke weg gaat. ‘k Ben al wel de eerste olifanten tegen gekomen, en vlak voor het verlaten van het eiland een prachtig, verlaten strand tegengekomen, met enorme golven. Tot m’n eigen grote verbazing vandaag al tot in Phang Nha geraakt. De laatste 15 km weliswaar een keer of 5 gepauzeerd, maar toch, … tegen 15u00 was ik ter plaatse. 80 km afgelegd vandaag, gemiddelde van 20 km/u, bij temperatuur van 35 C in de schaduw (en die heb ik vrijwel niet gezien) op een best wel heuvelachtig parcours.

thailand1 053

Vrijdag 21/05/04:
———————-
Vandaag om 08u00 vertrokken voor een boottochtje door Phang Nha Bay. Had ik gisteravond nog geboekt. 2 Duitse “wereldreizigers” uit Stuttgart waren het (overigens goede) gezelschap voor de dag. De baai is bezaaid met kleine rotseilandjes. Natuurlijk ook langs het hier wereldberoemde “James Bond-eiland” gevaren, bekend uit “the man with the golden gun”. Stelde weinig voor. Voor de rest enkele grotten bezocht, en de nacht doorgebracht in een bungalowtje in een drijvend dorp. Eigenlijk staat het dorp op palen, maar twas een tof bungalowke, mooi uitzicht, zalig eten, dus …

thailand1 061

thailand1 040

Zaterdag 22/05/04:
———————–
Om 09u00 terug aangekomen in Phang Nha. De fietst stond gelukkig nog veilig en wel in ‘t Guesthouse. Heb voor vandaag 4 opdrachten voor mezelf:
– nieuwe zonnebril kopen (eerste is reeds kapot).
– horloge met alarm kopen (zodat ik eindelijk op tijd uit bed kom).
– zonnecrème kopen (eerste tube reeds leeg)
– site aanpassen
Voor de rest wordt het een rustig dagje nietsdoen. Het zijn hier blijkbaar verkiezingen in ‘t stadje; alles is aangeplakt en om de 2 minuten rijdt er een pick-up voorbij met loeiharde muziek en propaganda. Er zijn blijkbaar 3 kandidaten. Vooral kandidaat nr. 1 lijkt geld genoeg te hebben om de stad vol te plakken en auto’s te laten rondrijden. Vanavond op tijd naar bed en morgen(vroeg) doorrijden naar Khao Sok National Park.

Zondag 23/05/04:
———————-
Onwaarschijnlijk mooi, het ritje van vandaag.
Om 08u30 ben ik vertrokken uit Phang Nha. De eerste 27 km tot Thap Put liep al door een mooi landschapje en gingen nog heel vlot.
In Thap Put alle 3 de drinkbussen volledig gevuld en nog snel iets gegeten op de markt want het is 48 km tot het eerstvolgende dorp, Phanom, recht het binnenland in via weg 4118, en die beloofde knap lastig te worden.
De weg kwam z’n belofte na …
Het bleef heel knap onderweg, maar ik was halfdood als ik in Phanom aankwam. Nog eens 40 km naar Khao Sok National Park zag ik niet zitten. Het bleef constant bergop en bergaf gaan.
De tweede pick-up (Songtaew genoemd hier) die voorbijkwam stopte al om me mee te nemen. Ik moet er wel vreselijk zielig uitgezien hebben dacht ik eerst maar al gauw bleek het een vrij opportunistische zet van de chauffeur te zijn.
Hij was de eigenaar van het “Bamboo-Resort” in het National Park en was juist z’n 3 kinderen gaan afzetten in Surat Thani, een stad aan de oostkust, waar ze betere scholen zouden hebben dan hier (hebben ze die hier überhaupt ?).
Ik heb dan maar een bungalow bij hem gehuurd.
Er zitten al zeker 2 gecko’s in de kamer, eentje is al in de ventilator gesukkeld en er terug uit gekatapulteerd maar heeft het overleefd, en het bed ….. hmmm heb het zelfs in Vietnam nooit zo smerig gehad.
‘k Weet nog niet of ik hier 2 nachten ga blijven, ben niet zo een held in die dingen. Maar, ‘t is echte jungle hier en het heeft wel iets. Ik zit hier op m’n overdekt terrasje uit bamboe en teak naar een tropische regenbui te kijken, nagenietend van de overwinning van Manchester United gisteren in de FA-Cup (zelfs hier kan je dat dus zien). Weer briljante wedstrijd van Ryan Giggs trouwens.

thailand1 065

thailand1 066

Naast mijn bungalow staat er een houten kotje, fel blauw geschilderd, met een oud, verrimpeld Thais vrouwtje voor de deur.
Volgens de opschriften kan je er terecht voor:
– oil massage
– foot massage
– body massage
– herbal massage
– Thai massage
– manicures
– braid (?)
en blijkbaar ook voor nen tattoo (staat alleszins toch op haar deur vermeld..) En zojuist kwam ze voorbij gewandeld met mijn “Knack”-zakske met vuile was dat ik aan de eigenaar van de hutjes hier gegeven had; dus “laundry service” doet ze ook blijkbaar. Schoon he.

Maandag 24/05/04:
————————
De nacht in het vettige bungalowtje heb ik overleefd. De “echte” wereldreizigers zullen wel lachen met mij, maar ik heb het als volgt een beetje leefbaar gemaakt:
1) Mijn eigen muskietennetje opgehangen onder dat vieze dat er al hing.
2) M’n therma-rest matje op het bed gelegd, onder het muskietennet.
3) In mijn lakenzakske gekropen en het muskietennet goed rondomrond onder het matje gestoken, zodat er zeker niets in kon kruipen. big fun haha …
Het heeft de hele dag superhard geregend, dus geen jungle-trekkings of kano tochtjes. Omdat ik nu echt wel verlang naar een paar dagen strandvakantie, ga ik morgen met de bus naar Surat Thani en vandaar met de boot naar Kho Samui of kho Phang Anh. Nu maar hopen dat de zon daar wel een beetje schijnt …

Dinsdag 25/05/04:
———————–
De bus + boot naar Kho Samui genomen en rond 16u00 aangekomen in Chaeweng. Dit is het meest toeristische plaatsje op het eiland, met alles wat je je daarbij kan voorstellen …

Woensdag 26/05/04:
————————-
Vandaag een scooterke gehuurd om het eiland een beetje te verkennen. In het noorden, in Hat Maenam, heb ik een pracht van een bungalow voor de komende dagen gehuurd aan een magnifiek baaitje met zandstrand, palmbomen en coconuts, kortom SUPER ! De spannende verhalen zullen even achterwege blijven nu, want hier blijf ik om enkele dagen vakantie te houden, wie kan me dat verwijten ;)) In de namiddag nog naar het zuiden van het eilandje gereden, en een prachtig strandbarretje ontdekt met een Thaise Bob Marley. Even blijven zitten, mensen observeren ……

thailand1 114

thailand1 138

thailand1 169

Donderdag 27/05/04:
————————–
Relaxen en ‘s avonds naar het thai boxen geweest in het dorpje met een Iiers-baskisch koppeltje en 2 franse gasten uit Parijs. Een boxring in een wei tussen de palmbomen, maar het zag er allemaal nog vrij degelijk uit. Er zijn 9 kampen gepland, mooi verdeeld in gewichtsklasses. Het eerste”gevecht” was de 25 kg klasse, 2 jongetjes, niet ouder dan 6-7 jaar. Eerst doen ze een aantal Boedistische rituelen voor de camp begint, betuigen het nodige respect voor elkaar, maar tijdens het gevecht meppen ze er echt goed op los. Daarna was het de beurt aan vnl volwassen, en daar ging het er echt stevig aan toe, maar altijd sportief, en met respect na de match. Het voorlaatste gevecht was tussen 2 boxertjes van 32 kg, schat ze 10-12 jaar. Eentje ervan is bewusteloos de ring uitgedragen, maar bleek al snel ok te zijn. Terug de ring in voor de nodige rituelen die ook na de camp gebruikelijk zijn, en er kon toch alweer een lach af. Speciaal avondje, vooral omdat het ergens toch iets kleinschalig, lokaal was. Denk dat het in een of ander groot stadion in Bangkok toch iets anders is.

thailand1 182

thailand1 202

thailand1 204

thailand1 206

thailand1 207

Vrijdag 28/05/04:
———————-
Uitslapen, ontbijten, beetje zwemmen, beetje lezen, mangootje eten, nog eens gaan zwemmen, beetje uitrusten, dan weer eens int zonneke, eens uit het zonneke, en zojuist met de fiets naar ‘t internetcafeetje….

Zaterdag 29/05/04 – Maandag 07/06/04:
————————————————
Genieten.
Meer heb ik niet gedaan deze week.
Op men strandje gebleven op Kho Samui, af en toe eens ergens naartoe gegaan, maar vooral veel op ‘t strand, in het hangmatje en op terrasje gezeten. Boekje lezen, lasietje drinken, gaan zwemmen, is met menne motto rondtoeren, ….
Maar, dat is niet spannend om te lezen.
De nieuwe buren van de laatste 5 dagen, een Spaans-Noors koppeltje zijn inmiddels ook alweer naar huis vertrokken.
Dinsdag (08/06) neem ik de boot naar Kho Phang Anh, eilandje waar ik nu al 2 weken naar kijk, om van daaruit (donderdag ?) naar Chumpon terug op het vasteland te komen en verder noordwaarts te fietsen.
Vanaf volgend weekend valt er dus weer wat te beleven !

Dinsdag 08/06/04:
———————-
Met een beetje pijn in het hart heb ik vanmorgen men paradijsje verlaten en de overzetboot genomen naar Kho Pha Ngan. ‘s Middags het hoofdstadje Thong Sala een beetje verkend.

Woensdag 09/06/04:
————————-
Vandaag met een scooterke wat op het eiland rondgereden. Eerste doel was Hat Rin, waar 1 x per maand de fameuze full moon party gehouden wordt. Een pijl naar links met de belofte van een waterval en “the twin palmtreas” op 7 km deden me al gauw even afslaan. ……..
heb het geweten.
7 km bleken er 15 te zijn, maar de weg er naartoe …
Na enkele km werd het een zandweg, recht de bergen in, en daar kennen Thais maar 1 weg ….. de kortste. Hoewel het scooterke 125 cc was, moest ik constant in 1ste bergop, dus je kan je voorstellen.

Die 2-ling palmbomen heb ik nooit gevonden, en de waterval stond zo goed als droog .
Een 5-tal km van de waterval zou ik in Ao Thong Nai Pan komen, een baaitje aan de andere kant van het eiland, dus even doorrijden tot daar leek met het beste, dan hadden we dat alvast gehad. Een tropische stortbui van dik 2 uren maakte de (enige) terugweg door de bergen quasi onmogelijk.
Met een scoter die steile bergen op waar de knalrode modder zo vanaf stroomt, stukken zandweg gewoon weggespoeld … je kan je de glijpartijen voorstellen.
In de late namiddag nog tot in Hat Rin geraakt, maar weinig te zien.

Al bij al toch een fijn dagje, en ‘s avonds nog de lekkerste vegetarische spaghettie met lookbroodje en een slaatje tomaat-mozarella gegeten. Nog eens Europees nu we nog in een toeristisch centrum zitten.

thailand1 247

Donderdag 10/06/04:
————————–
Om 12 uur de overzetboot genomen die, via Koh Tao, me om 18u30 terug op het vasteland afzette in Pak Nam. Chumpon (86.000 inwoners), hoofdstad van de gelijknamige provincie ligt 10 km verder, 500 km ten zuiden van Bangkok. Morgen beginnen we opnieuw aan het serieuzere werk.

Vrijdag 11/06/04:
———————-
Een druilerige morgen, maar toch al vanaf 8 uur op de fiets. Het zou de hele dag niet warmer dan 28 graden worden (altijd in de schaduw), dus een perfect fietsweertje.
Het was pas na een half uurtje dat ik de juiste weg gevonden had om het stadje uit te komen en om via de kust naar het noorden te rijden (als je ‘t vraagt aan de Thais sturen ze je steeds naar de hoofdwegen; ze lijken niet te snappen dat wij liever de kleine weggetjes nemen, en al zeker niet met de fiets.).

Iets voorbij Pak Khlong Saphli was ik mezelf langs de weg van een vers laagje zonnecreme aan het voorzien toen er een oude jeep naast me stopte. “Hey, where are you from ?”
Een vraag die elke Thai je stelt, bij wijze van begroeting, en die consequent gevolgd wordt door “Where you go ?”.
Deze keer was het een blanke die de vraag stelde, en het bleek ook en Belg te zijn, Richard, oud-paracommando uit de buurt van Lommel.
Hij runt samen met zijn vrouw een Thais-Belgisch restaurant in Saphli, vlak aan het hier beroemde Cabana resort. We hebben de fiets achterin de jeep gelegd en even tot daar gereden voor “een klapke”.
Prachtig strand waar hij daar zit !
Rond de middag heeft Richard me met de jeep en eindje verder gebracht om zo een beetje de verloren tijd in te halen, maar niet zonder me eerst zijn favoriete baaitje getoond te hebben.
Moet gezegd, wederom een paradijsje, maar deze keer echt verlaten, geen mensen, geen bungalows, geen restaurants, niets … enkel zee, strand, palmbomen omgeven door hoge rotsen.

thailand1 262

thailand1 273

Vanaf Pathiu weer op eigen krachten verder getrokken waar ik de rest van de tijd een heuvelachtig parcours voorgeschoteld kreeg met af en toe magnifieke uitzichten over de kust.
Na een noodzakelijke tussenstop vanwege nog maar eens een tropische bui in Ban Thung Maha ben ik rond 16 uur in Bang Saphan Noi aangekomen. 65 km op de teller, meer dan genoeg.
De laatste 10 km was het afzien. Voor de eerste keer naar de kleinste plaat geschakeld op de laatste twee hellingen. Ik met fiets en bagage is tenslotte nog steeds + 100 kg (moet ik iets aan doen ..)

Op zoek naar een plaats om te slapen dacht ik dat ik me weer had laten vangen. Ik rijd langs het strand, maar de meeste bungalows en guesthouses lagen er volledig verlaten bij (low-season) en waren gesloten.
Een juffrouwke op een brommer vroeg me “where you staying”, maar meer Engels sprak ze niet.
Maar haren husband spreekt goed Engels en zij hadden (of wisten ??) een bungalowke dat vrij was.
Ben haar maar gevolgd, maar ze reed terug de berg op het binnenland in.
Ja, juist wat ik nodig had !!!
Ik vervloekte mezelf weeral en nam me voor dat me dat nooit meer zou overkomen. Husband en zij wonen in een bouwval en even dacht ik “God nee ….. ” Husband begreep het en wist wel “a good place to stay”.

Ik nu achter hem aan (zij steeds op brommer, ik op de fiets erachter), een zandweggetje met opnieuw centimeters-diepe dieprode modder en opnieuw dacht ik bij mezelf ….. “Koen toch ….. ” nog eens.
Maar kijk, hij had gelijk en ik zit hier in een pracht van een bungalow op de hoek van een baaitje met enkele rotseilandjes voor de deur en klein vissersdorpje aan de andere kant van de baai. Het eigenaresje vroeg wat ik wilde eten, en ze is de vis nu vers gaan halen;-)) Misschien toch maar een beetje meer vertrouwen hebben in mijne Thaise medemens.

‘s Avonds heb ik het uitbaatstertje nog wat Duiste les gegeven. Ze had zich onlangs 2 boekjes aangeschaft om dat te leren, omdat ze en beetje verder een nieuw “resort” gaan bouwen, en daar zouden vooral Duitsers gaan komen, die misschien ook wel bij haar zouden komen eten.
Je kan ze niet verwijten dat ze hun best niet doen he 😉

thailand1 283

Zaterdag 12/06/04:
———————–
Ik had geen ontbijt besteld, maar ons eigenaresje had gefrituurde banaan voor mij op het menu, met kopje thee.
Ze had nog “a present” voor mij ook, ne steen waar ze (heel speciale) schelpen op geplakt had. Heel lief maar …. nu moet ik nog ne steen meezeulen ook 😦
Het ritje zelf begon goed met 8 km serieus klimmen. Richting Bang Saphan Yai en Ban Krud voerde de weg gelukkig door vrij vlak landschap, meestal perfect geasfalteerd.
Zo’n 20 km ten zuiden van Ban Krud kwam ik terug vlak tegen de kust, aan een perfect strand, over de hele afstand, op een paar vissers na, geen levende ziel. De laatste 10 km voor Ban Krud waren de knapste tot nu toe. Ik reed tussen een felblauwe zee, een heel breed wit zandstrand en een strook gras met een paar rijen palmbomen aan de ene kant van de weg en de Bilauktang berg-range, die de grens vormt met Birma (Myanmar), slechts enkele km van hier aan de andere kant.
De resorts zijn ook hier in aanbouw, dus …. voor hoe lang nog ? Ontelbaar veel vlinders over de weg, soms zelfs lastig en enkele bijna fluo-blauwe vogels gezien.
Tegen de tijd dat ik in Ban Krud was stond er al 65 km op de teller (20 meer als vermeld op de kaart) en was het 14 uur.
Even was de verleiding groot om hier te blijven overnachten, m’n tentje op te slaan op het strand maar ….. genoeg geluierd. Als ik voor m’n visum verstrijkt 16 juli hier nog iets wil zien moet ik toch een beetje opschieten.

Dus verder door naar Thap Sakae, het doel van de dag. Thap Sakae is een stadje met een heel raar sfeertje, en een plaats om te slapen heb ik er niet gevonden.
Er zat dus niets anders op dan verder te rijden.
Waren eerst de vlinders nog lastig (door hun aantal), nu waren het de straathonden. In Thailand hangen ze overal rond langst de weg, alleen of in groepen, maar buiten blaffen en enkele meters met je meelopen heb je er meestal niet teveel last van.
Hier liepen ze constant met hun tanden bloot, heel agressief, klaar om in je kuiten te bijten met je mee. Eens goed terug roepen en er recht op af rijden lijkt te helpen, hoewel het vandaag 2 keer heel spannend is geworden. ‘k Heb vanaf nu een lange stok mee vanachter op de fiets, in geval van …
Het is een groot probleem in Thailand, de straathonden, dat door hun Boedhistische geloof (niet doden om te doden) ook niet snel opgelost zal worden.

thailand1 291

Afgetikt op 126 km vandaag, 34 graden en buiten enkele druppels de hele dag mooi weer gehad.
Slapen doe ik in Huai Yang in een veel te dure kamer voor wat het is, maar ik heb nog eens warm water en airco. Ook de fiets nog eens onder de douche gezet, want die zag er niet uit door modder en stof.

Hier is Thailand op z’n smalst. 12 km slechts tussen de Golf van Thailand en de Birmaanse grens. Een grens die enkel open is voor Thai en Birmanen. Door de militaire dictatuur in Birma kunnen buitenlanders enkel door de lucht het land in via Rangoon (nu Yangon) of Mandalay. Ik kijk er naar uit om dit afgesloten stukje wereld, het gouden land, waar de Boedhistische spirit en cultuur nog het levendigst zou zijn (misschien toch een positief kantje aan de huidige militaire regering) binnen een zestal maanden te bezoeken.

Het restaurantje op het strand waar ik vanavond at, zat vol jonge Thai. Eerst dacht ik dat het om een (gezamenlijke, jongen / meisje) vrijgezellenfuif ging, aangezien er 2 aanvankelijk een beetje meer in de spotlights stonden. Na en tijdje kreeg de helft van de groep, naar wat later zou blijken, naamplaatjes rond hun nek.
Het bleek een soort van “doop” te zijn van de Thammasat Universiteit uit Bangkok, en zij waren de eerstejaars. Het ging er heel gemoedelijk aan toe, beetje anders dan bij ons 😉
Geen zuippartij of zo, twaren vooral sketches die ze blijkbaar op voorhand ingestudeerd hadden, maar ze leken zich te amuseren.
Vanachter mijn geroosterd stukje vis met veeeeel teveel look kon ik alles perfect gadeslaan.
Vandaag heb ik trouwens voor de eerste keer een gerechtje (spicy soep met garnalen) niet kunnen eten. Het is al een paar keer super-spicy geweest, dat het zelfs bij gewoon uitademen leek of je je lippen verbrandde, maar dit ……
Al na 2 lepels gestopt en ik heb 2 Singha-beers en een half bord rijst nodig gehad om het min of meer te blussen. Tot groot jolijt van ‘t personeel daar natuurlijk.

Om 23 uur locale tijd openingsmatch van het EK gezien.
Mijn pronostiekje: Italie wint.

Zondag 13/06/04:
—————–

Een beetje langer geslapen, en een beetje langer gedouchet, waardoor het al 10 uur was voor ik vertrok. Doordat ik me in het smalste deel van Thailand bevind, zijn er geen alternatieven dan over de highway 4 te rijden (is toegelaten hier, over de pechstrook). Ik doe het wel tegen de richting zodat je toch een beetje ziet wat er op je afkomt. Zo’n 10 km voor Prachuap Khiri Khan (28.000 inw.) kan je terug van de autobaan af, richting kust, waar de weg parallel loopt met de Eastern Orient spoorlijn, die ik de laatste dagen al regelmatig gekruist heb. Hier passeer ik ook Ao Manao Bay, een van de zeven plaatsen waar de Japanse troepen op 8 december 1941 landden bij de invasie van Thailand. Na een korte fietsdag van 40 km heb ik een bungalowtje ten noorden van de stad gevonden, aan het strand natuurlijk 😉 De enige bezienswaardigheid in Prachuap Khiri Khan is het Khao Chong Krajok (Mirror Tunnel Mountain), met een gat in de berg waarin de lucht weerspiegelt zou moeten zijn. Tsja …….

thailand1 332

thailand1 336

thailand1 355

Maandag 14/06/04:
———————–
Ondanks dat ik (gelukkig) om 03u15 wakker werd en zo de laatste 15 minuten van Frankrijk – Engeland zag, zat ik reeds om 8 uur op de fiets richting Hua Hin. Km 10 tot km 40 waren vrij vervelend, want er is in dit smalle deel van Thailand opnieuw geen andere keus dan de Highway 4 te nemen.

Na zo’n 40 km kon ik gelukkig rechts afslaan en zoals gepland door het Khao Sam Roi Yot National Park rijden, dat tussen de highway en de kust geklemd ligt. Dit betekent wel een omweg van zo’n 30 km, maar die is zeker de moeite waard. Een rustige, goed geasfalteerde weg leidt je 50 km lang door een mooi bergachtig gebied, zonder dat je zelf al te veel moet klimmen. De parkwachter vond het zo “cool” wat ik deed, dat hij weigerde inkomgeld voor het park te ontvangen. Onderweg heb ik enkele apen op de weg gezien en een paar rondcirkelende roofvogels. Het traject door het park ging verrassend snel en toen ik om 13u00 pauseerde, iets voor het stadje Pran Buri, om eindelijk een eerste hapje te eten, stond er al 90 km op de teller.
De laatste 35 km is er opnieuw geen alternatief dan de hoofdweg.
Iets na 15 uur kwam ik aan in Hua hin, met juist geen 130 km in de benen.

Op het door Koning Rama VI opgerichte Phra Rat Chawang Kuai Kang Won (Far-From-Worries-Palace) na is er niet echt veel te zien hier. Na deze koninklijke belangstelling werd het echter ook een favoriete badplaats onder de Thai.

Dinsdag 15/06/04:
———————-
Omdat ik veel sneller opschiet als gedacht, blijf ik een dagje in Hua Hin. Het stadje concentreert zich vooral op Duitse toeristen, en trekt deze (zelfs nu in het laagseizoen) ook aan.
Geen betere plaats om vannacht Nederland – Duitsland te volgen (aanvang om 01u45 lokale tijd) !
Omdat ik de voorbije nacht Zweden, zoals verwacht, zag schitteren tegen Bulgarije, heb ik eens goed uitgeslapen tot half 12. Buiten wat eten, drinken en de Bangkok Post lezen, was de enige andere bezigheid vandaag nog eens naar de coiffeur gaan. Ik denk dat ze haartje voor haartje geknipt heeft, want pas anderhalf uur later stond ik weer buiten. Voor het luttele bedrag van 150 Baht voorwaar gene slechte service !

woensdag 16/06/04:
————————
Door de nachtelijke voetbalmatch hier ben ik pas om 11 uur vertrokken uit Hua Hin. Eerst richting Cha-Am, stadje waar niets te zien is. Vandaar via een weggetje langs de kust verder richting Petchaburi. Was een soort van heidelandschapje hier, niets spectaculair.
Men croissantje en chocoladegebakje uit de Duitse bakkerij in Hua Hin heb ik op het strand opgeten en om 14u30 was ik al in Petchaburi, 80 km verder (rugwindje vandaag en het traject zo plat als een pannenkoek).

Petchaburi is de eerste stad die ik passeer die ook werkelijk historisch wat te bieden heeft, wat hier betekent veel tempels, wats en pagoda’s in verschillende stijlen.
Vanmiddag een toertje gedaan langs een aantal daarvan. De echte knappe liggen echter nog wat verderop in Lopburi, Sukhotai en Si Satchanalai.
Ik verblijf in een (niet al te deftig) guesthousje langs de rivier, maar ze hebben een mooi restaurantje met terras over het water, dus dat is tof voor vanavond.
Morgen verder naar het stadje Ratchaburi, dat zelfs niet eens vermeld staat in de reisboeken, dus daar zal ook niet echt veel te zien zijn. Wat daarna volgt daarentegen…

Donderdag 17/06/04:
————————–
Voor het ritje van vandaag naar Ratchaburi, zo’n 65 km verderop, was er, voor de laatste keer, geen echt alternatief voor de Highway nbr. 4. Dit beloofde dus een saaie rit te worden, naar een stadje dat blijkbaar ook niets in petto heeft. In geen enkele reisgids, of op internet is er iets interessant over deze stad te vinden.
Daarom heb ik ‘s ochtends besloten eerst eens naar het station te rijden.
Het was mogelijk om met de trein, via een overstap in Ban Pong naar Kanchanaburi te reizen. De trein vertrok wel pas uit Petchaburi om 12u48 en zou om 15u00 in Ban Pong zijn.
Of er al dan niet nog een verbinding naar Kanchanaburi zou zijn diezelfde dag konden ze me hier echter niet vertellen (de treinen rijden hier op heel rare, onregelmatige en m.i. onlogische tijdstippen,soms 4 op een uur naar dezelfde bestemming, en dan 6 uur lang niets meer. de meeste blijken ook ‘s nachts te rijden).

Nu goed, dat gokje nemen we wel.
Met zo’n 20 minuten vertraging kwam de trein aan in Petchaburi. Een vriendelijke Thai hielp me om de fiets en bagage naar de laatste wagon (= bagagewagon) te brengen, die nog en eind voor het perron stond, dus simpel was anders.  Er was maar 1 klasse om in te reizen; 3de. De trein zat redelijk vol en de conducteur stond er op dat ik plaats nam in het gedeelte dat voorbehouden was, zoals een bordje vermeldde, voor “Monks, elderly and disabled people”.
Ik dus midden tussen de monnikken naar Ban Pong. Ze verwittigden me mooi op tijd wanneer ik eraf moest, en om 15u10 was ik in Ban Pong.

Gelukkig vond ik iemand op het perron daar die een beetje Engels sprak. Bleek dat de aansluiting naar Kanchanaburi in een ander stationnetje stopte (waar de eerste trein overigens niet kwam), zo’n 1,5 km verderop.
De trein naar Kanchanaburi zou om 15u20 toekomen. De grote “Turkenzak” waar ik men fietstassen in steek als ik ze moet vervoeren dus razendsnel uitgeladen, fiets opgetuigd en als een speer naar het andere station en terug afgeladen.
De trein was er mooi op tijd. Prachtige oude, houten wagons, en met alle ramen en deuren open zetten we koers naar Kanchanaburi. In de late namiddag ben ik daar al even naar de Kwai Bridge gaan kijken, maar later meer daarover.
Opnieuw een heel proper, airconditioned slaapplaatsje gevonden aan de rivier.

thailand1 399

thailand1 413

thailand1 414

Vrijdag 18/06/04:
———————–
Uitslapen en relaxen. ‘s Avonds naar Denemarken – Bulgarije gekeken in een restaurantje waar ik al 2 keer iets gegeten had. Iets na 23u sloten ze, maar ik kreeg de afstandsbediening en mocht verder kijken. Als ik nog een pintje wilde moest ik het maar uit de ijskast nemen, zeiden ze.
Ongelooflijk he.

Zaterdag 19/06/04:
———————–
In de late voormiddag ben ik nog eens naar de “Bridge On The River Kwai” (naar de gelijknamige film die historisch trouwens volledig fout is, en, ik dacht in de Filipijnen is opgenomen) gereden om de nodige fotootjes te nemen.
Dit is trouwens niet de originele brug. Het is niet eens de Kwai rivier hier, maar een zij-arm ervan, de Mae Nam Mae Klong. De originele brug bestaat al lang niet meer, maar dat proberen ze voor de toeristen zo goed en zo kwaad als het kan verborgen te houden natuurlijk. Dus staan ze zich met honderden tegelijk te vergapen aan deze brug.

s’ Middags (na eerst nog eens tot op het vel natgeregend te zijn door een tropische stortbui) naar het JEATH-museum, dat door een plaatselijke monnik is opgericht. Naar eigen zeggen niet om de haat tegenover Japanners in stand te houden of aan te wakkeren, maar om nooit te vergeten welke gruweldaden zich hier afgespeeld hebben. Jeath staat voor de eerste letters van de namen van de landen die bij de tweede wereldoorlog in dit gebied betrokken waren: Japan, Engeland, Australie / Amerika, Thailand en Holland, en met een kwinkslag natuurlijk ook naar het woordje “death”.

Ze hebben hier inderdaad wel een indrukwekkende verzameling krantenartikelen, foto’s, brieven en kunstwerken gemaakt door gevangenen van toen. Alles wordt tentoongesteld in 2 replica’s van hutten waar toenertijd de krijgsgevangen opgesloten zaten. Heel armzalig, met als gevolg dat de hele verzameling hier dan ook stilaan aan het wegrotten is. (Volgens de monnik komt dit door een gebrek aan geld, maar het was hier een klein schandaaltje toen bleek dat hij enkele jaren geleden van het inkomgeld een mooie villa in de bergen had laten bouwen).

Oke, tijd voor een stukje geschiedenis ?
De Death railway of dodenspoorweg is in opdracht van de Japanners gebouwd (die Thailand bezetten tijdens WO II).  Het moest de strategische toevoerweg weg worden voor het Japanse leger vanuit Thailand tot 152 km in Birma (met als einddoel Brits Indie natuurlijk). Door de massale aanwezigheid van Britse en Amerikaanse onderzeeers was de route over zee veel te gevaarlijk geworden.
Op 16 september 1942 begon men aan de Thaise kant bij Nong Pladuk te bouwen, en tegelijkertijd ook aan de Birmaanse kant in Thanbyuzayat.
Volgens de plannen van de Japanse ingenieurs zou het minimum 5 jaar duren om het 415 km lange traject aan te leggen door een ruw berggebeid en een van de ondoordringbaarste jungle-gebieden van Azie. `

Het Japanse leger dreef zijn gevangen zo bruut en onverbiddelijk op (werkdagen van 18 uren, met een minimum aan eten en drinken), dat het traject al na zestien maanden voltooid was.
In de herfst van 1943 ontmoette de Thaise en Birmaanse arbeiders elkaar 37 km ten zuiden van de Drie Pagoden Pas.
Er wordt gezegd dat elke 3,5 meter van de spoorlijn een dode gekost heeft, 140 per dag, zo’n 130.000 in totaal (30.000 krijgsgevangenen en 100.000 gevangen uit Thailand, Birma en Indonesie).
Van beide groepen stierf meer dan de helft door tropische ziekten, ondervoeding, mishandelingen en het harde werk. De brug over de Kwai rivier was een strategisch punt en werd daardoor vaak door de geallieerden onder vuur genomen om de bevoorradingsroute van de Japanners te blokkeren. 20 maanden nadat ze in gebruik was genomen werd ze aan flarden gebombardeerd.
Van de originele brug blijft zoals gezegd niets meer over, en ook de spoorlijn is op enkele stukken na ook weer helemaal door de jungle ingenomen.

Ook nog even een van de oorlogskerkhoven bezocht juist buiten de stad; best indrukwekkend.

thailand1 419

thailand1 431

thailand1 426

Zondag 20/06/04:
———————-
Nog maar eens uitgeslapen en een dagje gerelaxed.
Morgen vertrek ik met de fiets via de Hellfire Pass naar de 230 km verder gelegen Drie Pagoden pas.
De Lonely Planet schrijft over dit traject “By bicycle this would be a very challenging route, but it has been done.”
En zelfs als je met de motor gaat “This is not a trip to do alone as stretches of the way are practically deserted – it’s tough to get help if you need it and easy to attract attention of would-be bandits”.

Tot 1989 was dit een plaats waarvan de Thaise overheid liever had dat je ze vergat.
Tot dan, maar ook nu nog sporadisch, zijn er schermutseling tussen de Birmaanse en Thaise legers en leden van het Mon Bevrijdings Front en de Karen National Union, bergstammen uit dit gebied. Het is ook nog steeds een befaamde smokkelroute. De bergstammen heffen 5% tol op alle goederen die hier passeren om hun gewapend verzet tegen het dictatoriale-militaire regime van Birma (Myanmar) te financieren.

Volgens een Thai hier in het reisburootje zijn in januari een groep van Amerikaanse en Britse expats met de fiets tot aan de Drie Pagoden Pas gegaan, maar die hadden een assistentie wagen voor hun bagage en eventuele pech, en ze hadden het droge seizoen en volgens hen was het de zwaarste tocht uit hun leven. Yeah right, en wat weten Amerikanen en Britten van fietsen.

Morgenvroeg vertrek ik rond half zeven (want rond de middag begint het steevast te regenen, de Moesson is gearriveerd), met een minimum aan bagage (1 van de 4 zakken). In 3 fietdsagen hoop ik aan de Drie Pagoden Pas te geraken, waar ik zeker een dagje blijf want in de buurt is de langste houten brug van Thailand en nog wel wat andere bezienswaardigheden.
So long….

Maandag 21/06/04:
————————
Omdat echt vroeg opstaan nog steeds m’n sterkste punt niet is, was het al 08u00 voordat ik na een stevig ontbijt op weg was.
Doel van de dag: Ergens tussen Kanchanaburi en Thong Pha Phum geraken.
Na ongeveer 50 km, waarvan de laatste bergop, niet stijl, maar wel aanhoudend, kwam ik aan de afslag om naar het dorpje Sai yok te gaan. Het was nog lang geen 11 uur, maar het leek toch alsof de benen afgesneden waren. Na een super-steile afdaling van 5 km stond ik in het dal, in een dorpje waar absoluut niets te zien is, buiten een olifantenfarm waar je ook trekkings kunt doen.
‘k Heb er nog wat rondgereden, en na even twijfelen dan toch maar men weg terug naar boven gewerkt, om verder te rijden, in de hoop in Sai Yok Noi onderdak te vinden. Dat lag 30 km verderop aan de zuidrand van het National Park.
Het was 13 uur voorbij voordat ik terug bovenaan de afslag stond. Af en toe eens 200 m gefietst (als er een auto aankwam; kwestie van een beetje doen alsof he :-)) maar het overgrote deel te voet naar boven gesukkeld.
Niet te doen in een hitte van 35 graden. Het was wel de de eerste dag sinds enige tijd weer mooi weer vandaag. Op 5 minuten naar beneden, en een uur terug naar boven ! Kletsnat van ‘t zweet fiets ik verder over weg 323 en 2 uur later, en de goede benen terug gevonden, stond ik in Sai Yok Noi, waar ze een schone waterval hebben …

thailand2 004

Als er ooit iemand tot daar gaat, de waterval is best de moeite, maar bespaar je aub de moeite om naar de 800 m hoger gelegen bron en grot te gaan, want daar is echt niets aan te zien.
Twee frisdrankverkoopstertjes hadden in mijn afwezigheid op mijn fiets en bagage gelet en vertelden dat het hotel nog 10 km verderop lag.
Hmm, dat was niet echt wat ik wilde horen, maar goed geen keus, en dus nog 10 km verder gereden. Daar kwam ik aan een afgesloten resort, met kamers 6 keer boven mijn dagbudget …. tsja.
Om een veel te lang verhaal kort te maken, ik ben dan maar verder gereden, in de hoop om iets te vinden. Wat de Thais vandaag hadden weet ik niet, maar voor het eerst had ik zin er af en toe eentje zenne nek om te wringen.
Ik ben op hun aanwijzen en a.d.h.v. borden langst de weg nog 3 keer naar het dal gereden, en terug naar boven geklauterd, omdat er dus, ondanks die aanwijzingen niks was beneden 😦
Ik ben dan maar blijven doorrijden, steeds hogerop, steeds steiler ook, vloekend als je weer een plakkaat ziet met zo een vrachtwagen op en de bijhorende helling van + 10%.
De Hellfire Pass gepasseerd als het al schemerde.
En maar doortrappen. Een Ludo Dierckxsens-gevoel maakte zich van me meester. Stoempen – stoempen – stoempen.
Om 19u45, ik was al een uur in het pikdonker in die bergen aant fietsen, zag ik in de verte een bus stilstaan.
De ziel uit men lijf gereden en de bestuurder en enkele passagiers stapten juist terug in toen ik aankwam. ze hadden juist iets gedronken langs de weg daar.
Ik en de fiets mee op de bus en 30 km verder in Thong Pha Phum toegekomen. 143 km gereden vandaag en doodop. Had ik me niet beziggehouden met accommodatie te zoeken, had ik met de fiets de 150 km van Kanchanaburi tot hier kunnen overbruggen.
Een belofte heb ik mezelf vandaag wel gemaakt; dit nooit meer, het moet ook een beetje plezant blijven he.
Ik ben nu al wel op de plaats waar ik pas na 2 dagen dacht te zijn, maar heb ook wel een beetje spijt dat ik een stukje niet al fietsend heb afgelegd.
Me in het eerste het beste hotelletje onmiddellijk na een douche op bed gelegd.

thailand2 007

thailand2 008

Dinsdag 22/06/04:
———————–
Om 6 uur werd ik wakker en het goot.
Om 9 uur werd ik nog eens wakker onder dito weersomstandigheden en toen ik buiten keek was de hele omgeving in een dichte mist gehuld.
Geen weer om verder te klimmen vandaag.
Ben in de late voormiddag dan maar op zoek gegaan naar een mooi onderkomen. Ik heb een knap bungalowtje met een mooi houten terrasje en beneden de rivier, een echt tropisch gevoel 🙂
In de namiddag thong Pha Phum een beetje beter verkend.
Het stadje ligt juist ten zuiden van het Khao Laem meer, een kunstmatig meer met een vlakbij gelegen stuwdam en midden in een mooi karstgebergte (wat dat exact is staat dan weer niet in mijn reisboekse).
Volgens de reisgidsen zouden hier veel Mon en Burmezen moeten wonen, die de dam mee hielpen bouwen. In tegenstelling tot de bergstammen in Noord-Vietnam onderscheiden ze zich hier niet door hun klederdracht. Ze gaan gewoon gekleed zoals de Thai. Ik ben hier trouwens ook nog geen enkele toerist of blanke tegengekomen. ook geen enkele Thai die ook maar een woord Engels spreekt. Hopelijk is het morgen een beetje beter weer, en kunnen we aan de strijd beginnen, de 75 km naar Sangkhlaburi.

Woensdag 23/06/04:
————————–
Was het zwaar ?
God ja, en nog geen beetje !!
‘k Heb serieus afgezien, ik was kapot op ‘t einde.
Als ik gisteren gestorven ben op de fiets, dan vandaag wel 10 keer.
Na 10 km was ik al kletsnat van de regen en het zweet, en toen draaiden ze de sluizen daarboven helemaal open.
Normaal staan er hier overal langs de weg wel kotjes of afdakjes om te schuilen, maar … je kunt het al raden, natuurlijk niets nu.
Nog 5 km klimmen en bovenop King Mountain kon ik schuilen.
Daar 2 uur gewacht (boekje gelezen ondertussen) tot het een beetje beter was.
15 km verderop was het opnieuw zover.
Ben dan maar gewoon verder gereden, door een wel enorm knap landschap, heel afgelegen van alles, met af en toe een mooi uitzicht op het Khao Laem stuwmeer.
De Thai waren wel terug in hun normale doen vandaag.
Bussen van waaruit uit vele ramen duimen omhoog staken en opgewonden kreten klonken, aanmoedigingen vanop voorbijrijdende brommers en verwonderde kreten uit de omliggende velden.
Vandaag ook de eerste gemene hond daadwerkelijk een tik moeten verkopen.
De wegen zijn echt niet gewoon hier, zoals ze die naar boven trekken zie je niet vaak in Europa. Ik heb geen hellingsmeter, maar soms lijkt het wel 25 procent omhoog te gaan. Heelder stukken heb ik dan ook tot op het “ouwe wijvenblad” moeten schakelen, en ja, zelfs af en toe weer stukjes te voet afgelegd.
Echt niet te doen ! De dijen leken soms te ontploffen, maar tintelden achteraf heerlijk na.

Na 60 km ben ik op de bus gesprongen. Het was al 16 uur, en ik denk dat dit de laatste voor die dag was tot Sangkhlaburi.
Ik was kapot, door-en-door nat, warm en koud tegelijk.
De bus deed er nog een dik uur over tot Sangkhlaburi, tijdens hetwelk de chauffeur uitgebreid de tijd nam om langs de weg vis te kopen van een verkoopstertje.
Eerst 1 grote, dan niets omdat ze het blijkbaar niet eens werden over de prijs, en uiteindelijk heeft hij alles meegenomen wat ze had.
Sangkhlaburi is een volledig nieuw stadje (niet teveel van voorstellen, één grote straat met een stuk of 5 / 6 zijstraten; 10.500 inw), al zou je dat niet zeggen als je het ziet.
De oude, gelijknamige stad is volledig overstroomd door het stuwmeer na de bouw van de dam in 1984.
De officiële inwoners kregen een perceel in de nieuwe stad en landbouwgrond erbuiten.
De Mon waren vluchtelingen, voornamelijk uit Birma, maar ook gewoon Thailand (hoewel ze de oorspronkelijke bewoners van dit gebied zijn), en hadden dus niets. Door tussenkomst van de monniken kregen ze wel land aan een van de zijarmen van het meer. Ze bouwden zelf een 400 m lange brug als shortcut naar de stad.
In 1999 stortte deze in door de sterke stroming in het water. Een nieuwe, iets lagere als de originele brug, werd in 6 maanden door de Mon gebouwd, en meet op z’n hoogste punt nog steeds 20 m.

thailand2 073

thailand2 066

thailand2 096

thailand2 101

Donderdag 24/06/04:
—————————
De 24 km naar de Drie pagoden Pas zelf waren heel goed te doen (dik uurtje), met op het einde drie teleurstellend kleine pagodatjes en een gesloten grens met Birma.
Niet veel soeps, maar wel een doel bereikt.

thailand2 121

thailand2 122

thailand2 123

thailand2 127

thailand2 133

thailand2 137

thailand2 145

Vrijdag 25/06/04:
———————
Met de bus terug naar Kanchanaburi gereden, met een tussenstop van anderhalf uurtje aan de Hellfire Pass, die ik vanwege het late uur maandag niet kon bezoeken.
Hier maakten de krijgsgevangen een van de vele uitsnijdingen in de rotsen bij de aanleg van de Birma-spoorweg.

thailand2 155

Zaterdag 26 + zondag 27/06/04:
—————————————
Platte rust. Ik heb nogmaals geprobeerd fotokes te uploaden, maar zonder succes. Volgende week ben ik in Bangkok en doen we een nieuwe poging. Nog even geduld aub.

Maandag 28/06/04:
————————
Vandaag met een olifant gaan rijden. Echt comfortabel is dat niet, serieus door elkaar geschud op dat beest, en hij had nog een klein darmprobleempje ook. Maar wel een aparte ervaring.
In de late voormiddag nog even gaan “bamboo-raften” op de rivier hier, maar dat was vrij flauw.
In de namiddag naar de Erawan-waterval geweest in het Erawan National Park. Dat is echt een must voor iedereen die in de buurt is, echt ongelooflijk knap, echt een toppertje. Waterval bestaat uit 7 niveaus. Het is 2.200 m klimmen tussen niveau 2 en 7, maar alles wat daar tussen ligt is een voor een een paradijsje. Watervallen die naar beneden storten, in een poel van super-helder felblauw water waar je in kunt zwemmen.
Bovenste niveau is het mooist, echt fantastisch, nooit gezien.
En het doet deugd om af en toe is te zwemmen als je in die hitte omhoog moet klimmen.
Je zwemt tussen de vissen, die gewoon het dode vel van je voeten komen eten, heel raar gevoel, zo’n tros van 20 vissen die van je eet.
Daarna nog langst een grot gereden waar de Japanners ooit onderdak vonden tijdens WO II, en waar nu groot Boeddha beeld staat Er hangen vleermuizen tegen het plafond van 5 cm groot, de kleinste ter wereld, en die zouden enkel hier in de buurt leven.
“Kitty bat” noemen ze het. Als ik het goed begrepen heb is het ook het kleinste zoogdier ter wereld, maar …

thailand2 184

thailand2 186

thailand2 190

thailand2 191

thailand2 196

thailand2 200

thailand2 201

thailand2 203

thailand2 210

thailand2 228

Dinsdag 29/06/04:
———————-
Vandaag de fiets eens heel grondig gekuist, wat kleine onderhoudswerkjes gedaan en op het busstation gaan navragen welke verbindingen er zijn om een eindje verderop te geraken. Ik ben hier nog vrij dicht bij Bangkok, en het is dus redelijk druk en niet de meest aantrekkelijke wegen om over te fietsen. Ik zou graag de bus nemen tot Nakhon Sawan en van daar verder rijden (Bangkok even links laten liggen dus, kom ik later nog een paar keer).

In de namiddag met de tijgers gaan stoeien in de plaatselijke Tiger Temple. Hier vangen ze tijgers op die altijd in gevangenschap geleefd hebben, of waarvan de ouders door stropers zijn gedood.
Serieuze beesten om je arm overheen te leggen, amai, en verschieten als er zo eentje z’n keel openzet. Knap om eens naast te zitten en vast te houden.

(NOTA 2016: Inmiddels is gebleken wat voor een verwerpelijke toestanden hier plaatsvonden en is deze ‘atractie’ gelukkig opgedoekt.)

Woensdag 30/06/04:
————————-
Omdat ik het geen doen meer vind om met zoveel bagage te sleuren, heb ik deze ochtend “grote kuis” gehouden. Het tentje, enkele andere zaken zoals Therma-rest matje e.d. blijven achter in Kanchanaburi, en ik rij verder met enkel de 2 achterste tassen, vele gemakkelijker.
In de late voormiddag ben ik met de bus naar Siphanburi gereden, en vandaar, ook met de bus, tot Nakhon Sawan.

thailand2 255

thailand2 254

Donderdag 01/07/04:
————————-
Met de fiets tot Kamphaeng Phet was het zo’n 125 km, volledig vlak, met een rugwindje en 35 graden op de thermomether. In nog geen 5 uur was ik na een makkelijke rit ter plaatse.  In Kamphaeng Phet heb ik een escorte gekregen van twee zwaantjes tot aan m’n hotel. Dat is wel een opmerkelijk verschil met thuis; hier is de politie vriendelijk, behulpzaam en beleefd…. altijd en overal.
Dit is de eerste van drie “tempel-steden” die ik aandoe, en in de namiddag ben ik maar gelijk op pad gegaan. Met het rondrijden tussen die ruïnes bleef de kilometerteller vandaag steken op 148 km.

Vrijdag 02/07/04:
————————
De tempelruïnes van Sukhothai beloven een van de mooiste van Thailand te zijn, dus ben ik maar gelijk doorgereden naar daar.
85 km, maar ik was wel bekaf vandaag. De wind stond serieus in het nadeel, en tegen de middag was het 38 graden.
Afzien dus, maar nog goed te doen.
Alle reisgidsen sturen je hier naar Lotus Village, wat een van de beste guesthouses van Thailand zou zijn. Ik ben er gaan kijken, en vond het allemaal nogal magertjes, en heb zeker al veel beter gehad. Ook nu weer. Ik overnacht in TR-Guesthouse, in een veel ruimere, mooiere, en zeker ook properdere kamer dan in Lotus Village. Het koppeltje dat het uitbaat is ook super-symphatiek, en het eten tiptop in orde.

Zaterdag 03/07/04:
———————–
Vandaag de befaamde ruïnes van Sukhothai bezocht. Deze liggen zo’n 12 km ten westen van de stad, zodat ik vandaag uiteindelijk ook nog 42 km in totaal zal rijden.
Je kan hier betalen per site apart, of een combinatie-ticket kopen waar je zelfs de historische sites van Si Satchanalai, de volgende bestemming, mee kan bezoeken.
Dat leek me dus wel het makkelijkste.
Maar eigenlijk is het om het even. Je kan ook niet betalen als je daar geen zin in hebt. Er zijn hier wel 10 ingangen voor het Historical Park, en aan elke ingang zit er wel een Thai ……. te slapen.
Ja ….. ik ga ze niet elke keer wakker maken he.

In het park kwam ik voor het eerst twee Thai tegen die verder dan 2 km met hun fiets reden. Twee universiteitsstudenten die ‘s ochtends uit Pitshanouluk vertrokken waren, 70 km hiervandaan. Een ervan reed met een fiets zonder versnellingen ! En ze zouden vandaag nog doorrijden naar Kamphaeng Phet, waar ik vandaan kwam, nog 85 km …… zonder versnellingen.
pffffffffffffffffffff

thailand2 264

thailand2 267

thailand2 295

thailand2 299

thailand2 327

thailand2 328

thailand2 329

thailand2 344

‘s Avonds heb ik naar Williams – Sharapova gekeken en ….. naar de proloog van de Tour de France. Ik heb hier een of andere Chinese zender die dat integraal uitzendt ! Het koppeltje van het guesthouse lag al een uur in hun bed toen ik nog aan het kijken was, en plots komt dieë vent terug naar beneden omdat hij mij nog een theeke moest brengen van zijn vrouw ……

Ongelooflijk.

Zondag04/07/04:
———————–
Nog een tweede (korte) dag tot aan de ruïnes gereden (voormiddag) en voor de rest niet teveel gedaan.
Als het goed loopt komen een van de dagen de foto’s vanaf part 4 on-line. En vannacht natuurlijk naar de finale kijken !

thailandeinde1 014

Maandag 05/07/04:
————————
‘t Was een kort nachtje.
In afwachting van de finale van het E.K. heb ik Federer Roddick zien inpakken in Wimbledon en Schumacher de concurrentie nog maar eens belachelijk zien maken in Frankrijk. De Chinezen toonden daarna ook nog de laatste 20 km van de eerste tourrit. Juist voor de start van de finale kwam er nog iemand voorbijgewandeld die vroeg of ik voetbal ging kijken en of hij mee kon zien (is hier allemaal in openlucht he). Het bleek ne Waal uit Namen te zijn die in Miami studeerde en meer dan gemiddeld Vlaams sprak.
Hij mocht blijven .

De finale was zoals te verwachten een beetje een tegenvaller, maar ok, … toch spijt dat ik deze avond niet in Athene was.
Om 04u00, en na een paar flessen singha Beer (640 ml per pintje hier) was ‘t tijd om te gaan slapen.

Om 08u30 was ik al uit bed en om 10 uur op ‘t velooke om 54 km ten noorden van Sukhothai de derde historische site van deze week te bezoeken, Si Satchanalai.

Weg 1195 loopt heelder stukken tussen bananenbomen recht naar de tempels. Onderweg kwam ik vrij veel platgereden slangen tegen die zich op de baan komen warmen na een regenbui.
Bad idea ….

De tempels zelf worden minder bezocht dan deze in Sukhothai. Ik kwam welgeteld een persoon tegen daar. Ook buiten de historische site zelf liggen enkele tempels die de moeite waard zijn. Omdat er in de omgeving van Si Satchanalai niet echt veel keuze qua onderdak te vinden is, en omdat verbindingen naar mijn volgende bestemming van hieruit vrij ingewikkeld zijn, maar vooral omdat de guesthouse in Sukhothai supergoed was, en het vrouwtje dat het met haar man uitbaat vandaag verjaarde, ben ik in de late namiddag met de fiets op de bus gesprongen, terug naar waar ik vandaan kwam.
Gefietste afstand: 73 km.

Het koppeltje organiseerde een bbq voor alle gasten, 3 Japanners, een Iers meisje en ik. ook enkele Thaise vrienden van hen waren van de partij. Excellent gegeten, en de Mekhong whisky, rice wine en Singha Beer vloeiden rijkelijk.

thailandeinde1 024

thailandeinde1 029

thailandeinde1 031

Dinsdag 06/07/04 :
———————–
Eigenlijk wilde ik vandaag met de bus naar het stadje Loei in Noord-Oost Thailand maar het is gisteren een beetje te laat geworden op het terrasje van het guesthouse en ‘k heb daarom besloten om hier nog een dagje te niksen.
Soms ben ik heel sterk in het nemen van goeie beslissingen .

Nog wat info over Sukhothai: Sukhothai (Rising of Happiness) was Thailands eerste hoofdstad en kende haar bloeitijd van de 13de tot laat 14de eeuw. Het Sukhothai koningkrijk wordt gezien als de gouden eeuw van de Thaise beschaving en de religieuze kunst en architectuur uit dit tijdperk wordt beschouwd als de mooiste van de klassieke Thaise stijlen. Sukhothai ligt 450 km ten noorden van Bangkok.
Het historische deel van de stad (12 km van het nieuwe) is zo’n 45 km2 groot.

thailandeinde1 034

thailandeinde1 036

Woensdag 07/07/04:
————————–
Eindelijk heb ik Sukhothai achter me gelaten en de bus op, eerst richting Phitsanulok, waar ik kon overstappen op een bus naar Loei.
Twee monniken vroegen of ik bij hen kwam zitten achterin de bus. Een ervan sprak 5 woorden Engels, de andere niks.
Ze vonden het hoogst amusant dat ik haar op men armen had en moesten er beiden natuurlijk eens aan trekken.
Ze stonden er ook op dat ik hun eten aannam en later tijdens de rit ook nog een amulet met een Buddha op. Ik stond er dan maar op dat zij dan op z’n minst mijn zakske barbeque ships dat ik voor onderweg gekocht had aannamen.
Dat was goed maar ze zouden het ‘s avonds opeten (ze mochten niet eten overdag denk ik)
Tijdens een drinkstop onderweg bleek dat sigaretten paffen overdag geen probleem was en toen ze terug op de bus stapten hadden ze 3 red-bulls bij, ook eentje voor mij .
Weird guys…..

thailandeinde1 039

Donderdag 08/07/04:
————————-
Loei zou een van Thailands mooiste en onbedorven provincies moeten zijn, waar de Mekong Thailand in stroomt.
Het ligt in het noord-oosten van Thailand, ook de Isaan genoemd, de armste streek van Thailand, die bekend staat om zijn specifieke, pikante keuken. Het is een bergachtig gebied waar de temperaturen van het ene extreme naar het andere gaan, heter dan eender waar in Thailand tijdens het warme seizoen (nu dus ) en koeler dan eender waar tijdens het koude seizoen. Loei is de enige provincie in Thailand waar de temperaturen soms tot 0 graden zakken op de bergtoppen. De dorpjes hebben meer van hun plattelandscultuur behouden dan op vele andere plaatsen. Slechts 3 % van alle toeristen die naar Thailand komen, zakken af naar deze regio.
Met ’t fietske van Loei naar Chiang Khan via weg 201 ging via mooie landschapkes onderweg, heel heuvelachtig dus constant klimmen en dalen. vrij stijl soms, en dan rij je tegen 60 km/u naar beneden en na 10 m bergop sta je weeral bijna stil, om je tegen 8 km/u verder naar het topje te slepen, en opnieuw, en opnieuw, ….. Wat me opvalt is dat de honden al een hele tijd minder lastig en agressief zijn hier als in het zuiden.

thailandeinde1 050

thailandeinde1 051

Chiang Khan is een dorpje wat me meteen beviel.
Bij het binnenrijden lag ze voor me, the Mighty Mekong, die machtige, bruine rivier, levensader van tientallen miljoenen mensen in Zuid-oost Azië. Een overeenkomst tussen de Thaise en Laotiaanse regering bepaalt dat alle eilanden in de rivier, inclusief deze die enkel tijdens het droge seizoen boven water komen, tot Laos behoren.

De Mekong is een van de “grote rivieren” op aarde. Qua lengte is ze de twaalfde grootste rivier op aarde, maar als je naar het watervolume kijkt staat ze op de vijfde plaats. Ze ontspringt op het Tibetaanse plateau op 5.100 m hoogte op de top van de Rupsa-La pas. De bron van de rivier is ongelooflijk genoeg pas in 1994 ontdekt. Ze stroomt, afhankelijk van welke bron je raadpleegt, tussen de 4.350 en 4.800 km door China, Birma, Laos (waar ze voor het overgrote deel de grens met Thailand vormt), Cambodia en Vietnam zo de Zuid-Chinese Zee in.
Waar de rivier van Laos in Cambodia stroomt heb je de Khone Falls. Ondanks de beperkte hoogte is het watervolume dat over deze watervallen stroomt groter dan dat van de Niagara watervallen.
In Phom Penh (Cambodia), waar het verschil tussen hoog en laag water soms 10 (!) meter kan bedragen, splitst de rivier in twee, de Hau Giang (lower river) en de Tien Giang (upper river) die zich in Vinh long (Vietnam) in verschillende delen opsplitst.
Vandaar de Vietnamese naam voor de rivier, Song Cou Long.

In de verschillende landen gaat de rivier onder een andere naam door het leven:
– China: Dza Chu = River of Rocks
– Laos: Nam Khong = Mother River
– Thailand: Mae Nam Khong = Mother of the Waters
– Cambodia: Tonle Thom = Great River
– Vietnam: Song Long = great River of Song Cou Long = Nine Dragons River

De landen waar ze doorstroomt hebben een turbulente geschiedenis achter de rug en een onzekere toekomst. In tegenstelling tot andere rivieren scheidde i.p.v. verenigde de Mekong verschillende landen.

Na de Vietnam-oorlog (hier, terecht, The American War genoemd) werd het gebied om de Mekong bijna ontoegankelijk voor westerlingen. De ergste taferelen speelden zich af in Cambodia, onder het regime van Pol Pot, maar Laos en Vietnam deden ook hun duid in het zakje.

Zelfs in de jaren 90 was reizen langs de loop van de rivier op vele plaatsen beperkt.
Het is ook een gebied dat zwaar geteisterd wordt door Malaria.

Enkele opmerkelijke feiten die zich rond de Mekong afspeelden:
– In de 3de eeuw bouwden de Chinenzen reeds de eerste brug over de Mekong.
– 9de – 15de eeuw: Periode van het grote Cambodiaanse Angkor-koninkrijk.
– Ca. 1278: Marco Polo is waarschijnlijk de eerste Europeaan die de Mekong ziet. Er wordt verondersteld dat hij de Mekong overstak in West-Yunnan (=Zuid-Chinese provincie) toen hij van China naar Bengalen reisde.
– 1431: De Cambodiaanse koningen verlaten Angkor en de Cambodiaanse hoofdstad verhuist naar de streek van het huidige Phnom Penh.
– 1555: Eerste gekende bezoek van een Europeaan aan Cambodia; de Portugese priester “Father da Cruz”. Hij vertrekt weer in 1557.
– 1603: Eerste vermelding van Angkor in Europese publicaties.
– 1641 – 1642: Een Nederlander, Gerrit van Wuysthoff, reist op de Mekong tot Vientiane.
– 1860: De Fransman Mouhot bezoekt Angkor. Hij wordt door de meesten verkeerdelijk aanzien als de ontdekker van Angkor. Hij was enkel de eerste om erover te publiceren.
– 1993: Eerste dam in de Mekong in Manwan (China).
– 2004: Een gekke farang (= Thais voor buitenlander) fiets met zijn mountainbikeske langst de oevers van de Mekong.

Het fietsen hier begint me steeds beter te bevallen, en gaat ook steeds makkelijker.
Het heeft ook zoveel voordelen. Zelfs een klein plaatsje als Chiang Khan strekt zich toch uit over een 4 km langs de rivier, en terwijl de andere toeristen met een zware rugzak ergens uit de bus worden gedropt en het eerste het beste hotel/guesthouse moeten induiken, kan je met de fiets op enkele minuten eens op en neer rijden en zo steeds de beste plaatsjes vinden om te overnachten of te eten. Ook tussen de tempelruïnes is het ideaal, want die liggen meestal ook op een redelijke oppervlakte verspreid.
In Chiang Kahn zat ik in een machtig nieuw hoteletje met een immens terras met teakhouten salonnetjes erop, rotan ligstoelen en een aparte zithoek met TV (op het terras) voor maar amper ……. 290 Baht ! Het is het laatste gebouw in het dorp. en heeft dus het beste uitzicht op de Mekong. ‘s Middags heb ik het dorpje een beetje verkend, en in totaal 62 km gereden.

thailandeinde1 055

thailandeinde1 059

Vrijdag 09/07/04:
———————-
Er waren verschillende excuses om een dagje in Chiang Khan te blijven. Buiten het feit dat zowel het dorpje als het hotelletje goed meevallen, wil ik, voor ik de rivier stroomafwaarts naar Nong Khai ga volgen, eerst even stroomopwaarts naar het westen rijden.
Daar zie je de Mekong uit Laos stromen en de grens met Thailand vormen. Op dit punt hebben de Thai (nog maar eens) een grote gouden Buddha bovenop een berg gebouwd.
Onderweg zag ik de eerste levende slang op de baan. Niet de kleintjes (tss 50 en 80 cm) die je meestal platgereden ziet liggen, maar een dikke, vette zwarte, zeker 2,5 m lang. Dat is even verschieten als dat voor je wielen de weg over kronkelt (verbazend snel trouwens), en je blijft de komende km net iets verder van de berm rijden.
45 km gefietst vandaag. Om 13 uur was ik terug in Chiang Khan. In een restaurantje heb ik riviergarnalen uit de Mekong met groentjes in zoet-zure saus gegeten, hmmm.
Je merkt het dat ik al heel wat noordelijker zit. Terwijl het op Koh Samui al donker was om 18u15, doen ze er hier al een dik uurtje bij.
De rest van de middag heb ik genoten van mijn exotisch uitgerust terras, en het zicht op de Mekong, en me nog eens door 2 hoofdstukken van “Seven Years in Tibet” van Heinrich Harrer geworsteld. Ik ben reeds in dat boek begonnen ergens op het schiereiland, en ben nog steeds niet halverwege ….

thailandeinde1 062

thailandeinde1 066

thailandeinde1 068

thailandeinde1 072

Toen ik ‘s avonds iets wilde gaan eten nodigden de eigenaars van het hotelletje me uit een hapje met hen mee te eten. Ze hadden vlees, vis en groenten laten komen en met z’n drieën hebben we zitten bakken en soep maken op een soort van Thaise tafelbarbecue. Een Chang bierke ontbrak ook niet natuurlijk. ‘s Avonds proberen te internetten, maar 12 minuten om alleen maar de mailbox te openen … we trekken dan ook stilletjesaan verder en verder van de bewoonde wereld weg.

Zaterdag 10/07/04:
———————–
Om 10 uur ben ik vertrokken uit Chian Khan om de Mekong stroomafwaarts te volgen. Hier kan je merken dat je in het niet-toeristische Thailand bent. De reacties onderweg zijn nog vele male uitbundiger dan ik tot nu toe meegemaakt heb. Elke doortocht door een van de dorpjes lijkt als een ware triomftocht. Boeren die tot aan hun knieën in het slijk staan in de rijstvelden leggen het werk neer, slaken kreten uit variërend van “wauw” tot “wo-ho-how”. Een brommerke met 4 kinderen op (ze rijden hier op brommers, 125 cc, vanaf dat ze een jaar of zes zijn) en een kar erachter met nog eens 3 erin volgen me “hey hey farang !!!!”, meisjes op een brommer komen giechelend naast je rijden, in het volgende dorp minstens 10 kinderen, allemaal “farang – farang” roepend, springen op hun fietske en rijden een eindje achter je aan ….. niet te doen.
Als je ergens stopt om een verfrissing te kopen komen ze nieuwsgierig om je heen staan en willen ze allemaal weten waar die crazy farang vandaan komt, heengaat, hoe je heet, etc …

Ik hield het voor bekeken in een klein dorpje, Pak Chom, waar ik overnacht in een hutje langs de Mekong. Eten kan hier enkel in een van de plaatsjes waar ook de lokalen ook eten. Vanzelfsprekend kennen ze hier geen Engels, dus moet je gewoon maar een beetje tonen wat je hebben wil. Na twee happen stond ik natuurlijk weer in vuur en vlam, super-spciy !!!! ‘s Avonds heb ik in het dorpje bij een standje nog twee mysterieuze sateekes gegeten. ‘k Heb proberen uit te vissen wat het was, geen tok-tok, geen knor-knor, geen mheuu-h, zeker gene vis …. zij maakten dan maar een geluid, maar ik kon onmogelijk thuisbrengen wat het moest voorstellen.
Het smaakte, dus ….

Zelfs hier was er op een klein pleintje een open bare work-out. Op een versnelde versie van Mouth & Mc. Neal’s How do you do …..

Het was een bewolkte dag, met een motregen van tijd tot tijd, en the usual 34 graden.
55 km gefietst.

thailandeinde1 077

thailandeinde1 087

thailandeinde1 092

Zondag 11/07/04:
———————-
In het groezelige hutje waar ik overnachtte werd ik wakker in het gezelschap van twee kikkers. De douche was te smerig, dus zonder te wassen de baan op richting Sang Khom, 61 km verderop.
Een mooi ritje, nog steeds via hetzelfde weggetje dat de hele tijd langs de Mekong loopt, met vanop verschillende heuveltoppen prachtige uitzichten op die bruine watermassa die door de jungle slingert, Thailand aan de ene kant, Laos aan de andere. Vanuit de occasionele trucks en bussen die je tegenkomt claxoneren de chauffeurs je wild-enthousiast bijna van je fiets, ze knipperen met hun lichten, echt prachtig. Soms ook vervelend, als je je weer maar eens een ongeluk verschiet, maar ach …. ze bedoelen het goed.
Ik heb geen vlakke meter gehad vandaag. Korte klimmetjes, stijl, vermoeiend, motregen de hele dag, graadje of 32. In Sang Khom kon ik overnachten in een kamertje boven het Poo Pae restaurant.
Het was al een hele verbetering tegenover gisteren. Ze hadden hier zelfs een weegschaal en ……. yes yes, zij die vonden dat ik vermagerd was op de foto’s ….. 72 kg, da’s 7 kg eraf !!! Nog een stuk of 5 en dan zal ‘t wel oke zijn.
Dagtotaal: 73 km.

 

Maandag 12/07/04:
———————–
Het weggetje kronkelt verder langs de Mekong, met de eerste 28 km dezelfde constant mooie uitzichten, met steeds die klimmetjes. Na een dikke 40 km kom je in het dorpje Si Chiangmai waar veel Laotianen en Vietnamezen wonen die zich gespecialiseerd hebben in de productie van “rice-paper”, dat rond loempia’s zit. Si Chiangmai is wereldwijd een van de grootste exporteurs hiervan. Het dorpje kijkt uit op de Laotiaanse hoofdstad Vientiane op de andere oever van de Mekong.
Ik was hier vrij vroeg, en buiten het uitzicht op Vientiane viel er hier niet echt veel te beleven. Op naar het volgende stadje, het 12 km verderop gelegen Tha Bo, een heel levendig plaatsje, met een druk marktje en een zekere graad van ontwikkeling want ze hebben een seven/eleven supermarkt .
Vandaag heb ik maar eens goed decadent gedaan om mijn schitterend verlies in kilookes te vieren met een zakske chips, ne magnum en een chickenburger uit die supermarkt ! Na twee dagen weer vrij “basic” overnacht te hebben was het ook weer tijd voor wat verwennerij. Iets buiten het dorpje Tha Bo ligt het schitterende Ban Thai Tha Bo guesthouse. De eigenares is een Japanse die 20 jaar in Marseille gewoond en gewerkt heeft. Ze heeft schitterende kamers die je echt een idee geven hoe het reizen in deze regio in koloniale tijden eind 19de, begin 20ste eeuw geweest moet zijn. De inrichting van de kamers is knap met houten vloeren, een oud maar degelijk bed en ik had zelfs zo een oud, houten een tafeltje om aan te schrijven. Heel authentiek !
Je loopt (op je blote voeten) van het restaurant over iets verhoogde houten wandelpaadjes naar je kamer, een centimetertje frisse, verse regen zorgt ervoor dat je wat attent moet zijn om niet uit te glijden. Aan elk afdakje hangen enkele zwarte paraplu’s die je daar weer achterlaat als je onder het volgende afdakje komt. Alles bevindt zich in een mooi onderhouden tuin.

Culinair was het ook een grote verwennerij. Ik kreeg 3 typische Isaan-gerechtjes voorgeschoteld.
Oke, eentje ervan verklap ik in ‘t kort, een lekker slaatje op basis van the bananaflower:

Je koopt dus de bloem van een bananenboom (in de Sun Wah ??). Trekt een beetje op ne maiskolf langs buiten, maar dan met rode blaren, die je er afpelt. Je snijdt de vrucht heel fijn, en dompelt dit gedurende tiental minuutjes onder in ijskoud water (met ijsblokken dus) en citroensap (wordt het krokant van). Ondertussen kook je een beetje gehakt in een beetje water, samen met wat gedroogde garnalen. kokosmelk, citroensap, suiker en fishssaus.

Bovenop de bananenbloem doe je wat gebakken sjalotjes met look + de saus, het vlees, wat cashewnootjes, een korianderblaadje en wat rode peperkes als versiering of om op te eten (eigen keuze).

Meer info over het guesthouse: http://www.banthaithabo.com/

Prachtig dagje, 60 km gefietst.

thailand2 018

Dinsdag 13/07/04:
———————–
Het regende pijpenstelen tot 4 uur ‘s middags.
Dat was geen enkel probleem, want zo had ik een perfect excuus om nog even in deze mooie omgeving te blijven en, na een uitgebreid ontbijt, een boekje te lezen, nog een lekker lunchke tot mij te nemen, en in de late middag de laatste 30 km langs de Mekong naar Nong Khai te fietsen.
Onderweg stroomt er nog een zijriviertje in de Mekong en het bruggetje hierover waren ze volop aan het afbreken. Dat betekende ofwel terugdraaien (7km) en de hoofdweg nemen, of afstappen en mezelf en de beladen fiets door een wei / annex modderpoel sleuren voor een vijftigtal meter. Ik zat toch al onder de oranje modder van het opspattende water, dus …… laatste optie gekozen.
Enkele kilometer voor Nong Khai ligt de Friendship Bridge. Deze 1.240 m lange brug is gebouwd in 1994 met geld van de Australiërs en is slechts de tweede (de eerste in China) over de Mekong.
Een fietsdag van een 40-tal km.

Woensdag 14/07/04:
————————-
Rustig dagje, dat gevuld werd met het kopen van nieuwe t-shirtjes (hele opgave hier om iets deftig te vinden, vnl schreeuwerige truikes met toeristische attracties op of vol tekst, doodskoppen, tanks, etc….), coiffeur en een tekstje verzinnen voor de site.

‘s Avonds op internet de tourrit wat gevolgd.
Hoeveel ritten en bolletjestruien gaan ze diee Virenque eigenlijk nog cadeau geven ? Straks denken ze nog dat ‘m kan klimmen ook.
‘t Is juist dezelfde als Museeuw, meer dan den helft van de ritten dat die twee gewonnen hebben heeft de rest van ‘t peloten met z’n freins dicht moeten rijden.
En dan nog kan zo ne Merckx niet mee vooruit blijven, tsssss. Ik denk dat diee Lefevre veel weet als je ziet hoeveel koersen ze daar al aan weggegeven hebben…..

thailandeinde1 094

Donderdag 15/07/04:
————————–
De gazet lezen, dat is ook nergens goed voor.
Ik zit hier rustig m’n spiegeleitjes bij men ontbijt binnen te spelen als mijn oog op de voorpagina van The Bangkok Post valt. De kippenpest blijkt zich hier dramatisch snel te verspreiden, ook in de regio waar ik nu zit. Morgen zal het beter zijn, dan ben ik in Laos, en daar spreken ze niet over zo’n zaken, daar is officieel nog nooit kippenpest geweest. Ook hier vinden ze blijkbaar dat er zo weinig mogelijk over gesproken moet worden, want dat is slecht voor de verkoop van kippen en eenden.
Verder blijkt de halve Cambodiaanse regering naar Thailand gevlucht te zijn, en de koning met een of ander gezondheidsexcuus in Korea te zitten. De Thaise regering wil geen namen van de gevluchte politici vrijgeven, maar het zou om topfiguren gaan. Blijkbaar is er een staatsgreep op komst in Cambodia. Mijn goede vriend Felix die momenteel in Phnom Penh is wist me te melden dat soldaten gisteren de stad binnentrokken. Dat gaat nog ambiance worden als ik daar binnen een paar maanden ben .
Er blijken gisteren ook meer doden dan normaal gevallen te zijn in Cambodia als gevolg van de landmijnen waarmee het land nog steeds bezaait ligt. Negen doden gisteren, vier bij het maken van een dammetje, en vijf bij het omploegen van hun veldje. Dat is nieuws, want normaal gezien vallen er maar een stuk of vijf doden per dag door de aanwezige landmijnen (2.000 per jaar).
Later meer hierover.

4 km ten oosten van Nong Khai ligt Sala Kaeo Ku, een vreemde Hindu-Buddhistische site die gebouwd werd in 1976 door Luang Pu Bunleua Surirat. Dit was een vreemde man die een connectie maakte tussen het Hindoeïsme en het Bhoedisme en op basis daarvan allerlei bizarre beelden liet maken. Hij heeft vrij veel volgelingen in Laos en Noord-oost Thailand. In 1975 moest hij Laos verlaten toen de communisten daar aan de macht kwamen. Aan de andere kant van de Mekong, in Laos dus, staat +/- dezelfde verzameling beelden in een soort “Buddha-park” dat hij daar eerst bouwde. Daar gaan we later wel eens naar kijken.
In 1996 is Luang Pu gestorven.
‘s Middags de fiets nog wat gekuist en wat rondgehangen in Nong Khai.
Morgen steken we de Friendship Bridge over naar Laos, ik moet wel, 16/07/04 verstrijkt het Thais visum.
Ik heb 1.809 km in Thailand gefietst.

thailandeinde1 096

thailandeinde1 098

thailandeinde1 104