France: Normandie & Hauts-De-France

Ik laat de druk bezochte Mont Saint-Michel achter me. Gelukkig loopt er een mooie autovrije Voie Verte, de Véloscénie het binnenland van Normandië in. De beroemde stranden zijn ongetwijfeld een bezoekje waard, maar opnieuw verkies ik rustige en mooie routes, boven trekpleisters langs drukke kustwegen.

De Véloscénie loopt voorbij het plaatsje Domfront dwars door het regionale natuurpark ‘Normandie Maine’. Iets voorbij Carrouges verlaat ik de voie verte en sla linksaf het ‘Forêt Domaniale D’écouves in en volg wat later de vallei van de Charentonne en later deze van ‘La Risle’.

DSCN6799

DSCN6810

DSCN6823
Typical church for the Normandie region.

DSCF1280

Na een nachtje in het Forêt Domaniale de Brotonne fiets ik een plateautje af naar de Seine die ik met een bootje oversteek ter hoogte van Jumièges. Continue reading “France: Normandie & Hauts-De-France”

Advertisements

The canals, coasts and old railway lines of Brittany / Bretagne

Eens de 3.356 meter lange Pont de Saint-Nazaire over, die in de Tour de France als een beklimming van vierde categorie gecatalogeerd staat, vervolg ik mijn weg over een voie verte richting Saint-Malo-de-Guersac. Iets voorbij het dorp fiets ik door de wetlands van ‘La Grande Briere’.
Na de oversteek van de rivier La Vilaine kom ik op ‘La Littorale’, een route omheen het schiereiland van Bretagne. Deze is soms gemarkeerd, maar vaak ook niet, gaat soms over geasfalteerde wegen, soms over single tracks. Mits een beetje voorbereiding of de route gewoon in je gps te steken is ie goed te volgen.

DSCN6373

DSCN6374
Vannes is a bigger town in Brittany. Luckily they ‘ve built an extra pipe in the tunnel for pedestrians and cyclists.

DSCN6376

Via de Littorale fiets ik richting Vannes en Carnac waar ik Sylvie en Arthur tref, waarmee ik in Spanje enkele aangename dagen samen fietste. Ze baten een mooie, vlak aan het
water gelegen b&b uit waar het één en al rust is en ik ook uitgenodigd word om enkele dagen pauze te nemen.  Meer info hier.

We maken een wandeling langs de baai, een fietstocht langs de drie stranden van Carnac en de menhirs een beetje verder inland, bezoeken het schiereiland met Quiberon aan de uiterste tip.
Sommige huizen in de Bretoense stadjes zijn roze geverfd. Van Sylvie verneem ik dat enkel de ‘Kaap Hoorners’, de zeemannen die Kaap Hoorn gerond hebben, het recht hadden hun huis roze te schilderen.
Het is dus een soort statussymbool.

DSCN6390
In the south of Brittany, St. Cornely is the best known of the holy protectors of cattle.
DSCN6391
Typical structure of the beams in the Carnac region.

DSCN6392

DSCN6394

DSCN6403
The Carnac Stones, a dense collection of megalithic sites consisting of alignments, dolmens, tumuli and single menhirs. The more than 3,000 prehistoric standing stones form the largest such collection in the world.

We kayaken en zwemmen ook nog in de baai, maar vooral wordt er overheerlijk gegeten. Oesters, meerdere keren in overvloed, schelpen, krabben, … alles wat de zee te bieden heeft hier.
Na vier verkwikkende dagen rust in Carnac zet ik men tocht verder.

DSCN6416

DSCN6434

DSCN6444

DSCN6478
Sylvie taking a break under the still hot September sun.

Sylvie fietst nog een eindje mee tot aan het Mer de Gavre, waarna ik alleen verder rij.
De weg D158 die op de smalle strook land tussen de zee en meer loopt wordt eigenlijk te druk bereden en zeker met de straffe tegenwind die ik heb is het geen lolletje. In deze omstandigheden was ik beter iets eerder landinwaarts getrokken.

DSCN6491

In het stadje Hennebont bereik ik de oevers en het jaagpad van de rivier Blavet. Een gekanaliseerde rivier met ettelijke sluizen om scheepvaart landinwaarts mogelijk te maken. Maar de rivier heeft wel zen bochtige karakter behouden. En er zijn wat bochten in deze rivier, dus het is zeker niet de kortste route. Misschien wel de aangenaamste, want ik rij opnieuw verkeersvrij over het jaagpad. Ooit gemaakt zodat paarden de binnenschepen over het kanaal konden voortrekken. In de goede oude tijd echter was het de vrouw van de schipper die deze taak op zich nam.
Zij stond dan om 5u30 op en maakte het ontbijt klaar. Om zes uur werd er samen ontbeten en om half zeven kon de vrouw dan het binnenschip in gang trekken. Dat was haar taak tot het middaguur.
De man had naast het navigeren nog vele andere taken, waardoor hij ’s ochtends soms pas zen laatste tas koffie kon leeg drinken terwijl hij al aan het werk was. Hij moest eerst en vooral zorgen dat het schip niet te vroeg aankwam, want misschien was er geen vrije ligplaats, maar ook niet te laat want dan was de ontvanger mal content en kreeg hij misschien geen nieuwe lading. Hij hield zich bezig met het betalen van tol, met de boekhouding het onderhoud van het schip, …
Rond de middag maakte de schippersvrouw dan de lunch klaar, die samen genuttigd werd.
Vaak spek, gebakken in overvloedig veel boter.
Het valt me op dat op foto’s uit deze tijd de schippersvrouw toch vaak aan de dikke kant is, ondanks haar fysieke arbeid.
Zij ging natuurlijk steeds met haar boterham door de pan om het laatste restje saus mee op te eten, en zo haar eigen speklaag te kweken.
Voor de klok één uur kon slaan, stond de man weeral in opperste concentratie zen schip te navigeren terwijl de vrouw het voortrok.
Zoals gezegd kwam dan later het paard om het schip te trekken, daarna de stoommachine en nu doen ze’t dus op mazout.
Op de Blavet is er echter weinig verkeer.
Verder stroomopwaarts, nabij Neuliac zie ik dat de sluisdeuren volledig in de modder zitten en uit hun hengsels hangen. Op een informatiebord lees ik dat het laatste schip er in 1951 gepasseerd is.

DSCN6492
At Hennebont.

DSCN6506

DSCN6524

DSCF1099

DSCF1102

DSCF1106

DSCN6533

Nadat ik mijn lunch genuttigd had naast een sluis merk ik dat ik vol teken zit. Maar liefst eenentwintig van deze monsters moet ik verwijderen. Negentien met het tekentangetje. Twee ervan hebben echter de onderkant van m’n rechtervoet gekozen en door het lopen zijn deze precies tot onder de huid geraakt.
Nu heb ik al eerder teken met mijn Zwitsers zakmes verwijderd, maar toen was het nog scherp.
Dan is het al geen pretje. In je eigen vlees snijden met een bot mes is nog moeilijker.
Uiteindelijk krijg ik ze eruit gesneden.
Een beetje ontsmettingsmiddel op de open wonde, een duik in de rivier om eventuele andere onverlaten die nog op me zouden rondkruipen te verwijderen en ik kan weer verder.

DSCF1136
Daniel Martin wins the 2018 stage at Mûr-De-Bretagne.  Although, if you look closely at the picture,  some seam to think is was Dean Martin 🙂

DSCF1141

Mûr-De-Bretagne is de volgende bestemming. Iedereen kent het plaatsje natuurlijk dankzij de doortocht van de Tour De France begin juli.
Ik verlaat Mûr-De-Bretagne via een oude spoorlijn. Ter hoogte van de abdij van Bon Repos kom ik opnieuw terecht op de jaagpaden langs de Blavet.
Iets voor Gouarec is er een splitsing. Rechts is verder stroomopwaarts langs de rivier Blavet, links start het kanaal Nantes-Brest dat ik volg.

DSCF1170

DSCF1172

DSCF1182
Pitching the tent half an hour before sunset at a hill top.

Je kan de omgeving niet super spectaculair noemen, daarvoor fiets je beter langs de kust, maar ik geniet van het autovrije jaagpad, de vele bochten in het kanaal, de bossen eromheen.

In Châteaulin stopt het jaagpad en zoek ik zelf m’n weg verder over zo rustig mogelijke wegen richting Brest.

De rivier Aulne steek ik over via een wel heel bijzondere brug. De Pont de Térénez is een gebogen tuigbrug, wat volgens het alwetende Wikipedia een ‘zeer zeldzaam brugtype’ is. Ze heeft ook de langste overspanning tussen twee brugpijlers ter wereld, nl 265 meter.

DSCF1185
Pont de Térénez

Juist voor Brest steek ik opnieuw een brede rivier over, de Élorn. Fietsers mogen over de oude brug, het autoverkeer raast over de nieuwe Pont de L’Iroise. Deze brug is 800 meter lang en de langste overspanning is maar liefst 400 meter. Ze is echter niet gebogen, zoals de Pont de Térénez, en daarom is deze kortere brug toch de meer bijzondere.

DSCN6570
Pont de L’Iroise

Brest is druk, druk, druk en veel groter als gedacht waardoor ik er snel, snel, snel weer uit wil. De wegen zijn onaangenaam druk tot in Poulizan. Hierna volgt een mooi stukje kust waarbij ik de vuurtoren van Saint Mathieu passeer alvorens ik het Pointe de Corsen aan de Iroise Zee bereik.  Dit is het meest westelijke punt van het Franse vasteland.

DSCN6574

DSCN6580
Saint Mathieu
DSCN6586
Saint Mathieu lighthouse
DSCN6598
15% gradients, both up and down.

DSCN6603

DSCN6606
At La Pointe De Corsen.

Het is genieten van de spectaculaire Bretoense kusten. Soms heel rotsachtig, dan weer fantastische witte stranden. Begin september zijn quasi alle toeristen ook weer vertrokken en zijn de stranden leeg.
Goed.
Minder goed is de vaststelling dat de Bretoense chauffeurs agressiever zijn en sneller rijden dan deze in de rest van Frankrijk, waar de rijkwaliteiten niet slecht te noemen zijn, maar zeker ook niet goed.

DSCN6654

DSCN6686

DSCF1198

DSCF1203

DSCF1205

DSCF1208

DSCF1216

In Morlaix sta ik, zoals zo vaak tijdens mijn reizen, opnieuw voor een dilemma. Verder langs de kust wat ongetwijfeld een spectaculaire optie zou zijn, of inland gaan, waar een voie verte over een oude spoorlijn kan nemen, autovrij, in de bossen.
De eerste optie is gegarandeerd de mooiere, maar ik kies voor de tweede. Gewoon omdat ik wat wil genieten van het fietsen op zich.

DSCN6700
Many cycling routes come together in Morlaix.
DSCN6705
Morlaix.

DSCN6707

DSCN6708

De Voie Verte Morlaix – Carhaix valt me reuze mee.
Ter hoogte van het dorpje Gouarec bereik ik opnieuw de Blavet en fiets ik een twintigtal kilometer de route die ik een weekje geleden fietste in tegengestelde richting tot ik opnieuw in Mûr-de-Bretagne ben.

Van daar gaat het opnieuw over voor mij onbekend terrein, nog steeds langs de voie verte verder oostwaarts.
Langs de rivier La Rance bereik ik eerst Léhon en een beetje verder het toeristische Dinan dat vol ‘plezierboten’ ligt. Ik weet niet of de toeristen helemaal ingeshutteld worden vanuit Saint-Malo, of ze gewoon hier een klein stukje langs de rivier heen en weer varen.

DSCN6716

DSCN6719

DSCN6728
At Dinan

DSCN6732

DSCN6733

DSCN6736
Still at Dinan

Van Dinan gaat het naar Dinard dat aan de westelijke over van de Rance rivier ligt. Mooi, zeker, maar oh-zo toeristisch. Ik neem de overzetboot naar het nog toeristische Saint-Malo.

DSCN6738
Plenty of yaghts at the mouth of the Rance river. Saint Malo visible in the left corner.
DSCN6739
Saint-Malo, seen from the opposite river bank in Dinard.

Op voorhand had ik in m’n tent wat tijd gestoken om een zo rustig mogelijke route te vinden naar de Mont Saint-Michel, wat uiteindelijk ook geslaagd bleek. De hele route zet ik binnenkort wel online. Gewoon de hoofdweg nemen is gekkenwerk.
De Mont Saint-Michel.
Wereldberoemd natuurlijk. De abdij en de omliggende baai staan op de Unesco werelderfgoedlijst. Het is tevens de derde meest bezochte toeristische trekpleister van Frankrijk, na de Eifeltoren en het Kasteel van Versailles, met jaarlijks meer dan 3.500.000 bezoekers.
Volgens wikipedia kent de baai het grootste getijdenverschil van Europa (tot 15 meter). Ik meende dat echter al een keer tegengekomen te zijn in Noorwegen.
Wat opzoekwerk leert me echter dat ze in Saltstraumen, in de provincie Nordland, de ‘sterkste getijdestroom’ ter wereld hebben. Tot 400 miljoen m³ (ton) zeewater passeert elke zes uur door een 3 km lange en 150 m brede zeestraat. Maar dat is dus iets anders als ‘het grootste getijdenverschil’.

DSCF1250
Mont Saint-Michel
DSCF1261
Mont Saint-Michel

DSCN6766

Eens voorbij de Mont Saint-Michel verlaat ik Bretagne en licht Normandië op me te wachten.  Meer daarover gauw in een volgende post.

Pyrenees, Languedoc, Canal du Midi & Atlantic Coast.

DSCF0821Tesamen met men makker Charles die is overgekomen om een weekje mee te fietsen steek ik de Spaans-Franse grens over nabij het dorpje Coustouges.
Via een rustige weg dalen we af naar het dal van de rivier ‘Le Tech’, waar de vrij drukke D-115 doorheen loopt.
In Amélies-Les-Bains-Palalda klimmen we opnieuw de bergen in waar een rustige camping gevonden wordt.
Op de dag dat we het mooiste stukje gaan fietsen van onze gezamenlijke route slaat het weer juist om natuurlijk. Met bakken valt het uit de lucht. In het plaatsje La Bastide worden we een tweetal uurtjes opgehouden door deze wolkbreuk die gepaard gaat met zwaar gedonder en gebliksem.
Het fietsen door deze bergachtige omgeving met dit soort weer heeft ook wel iets magisch, maar we zijn toch content dat we na de afdaling, en bij droog weer de tent kunnen neerzetten in het plaatsje Vinça.

DSCF0812
My friend Charles arriving at a misty pass.

DSCF0815

Deze hick-up van het weer duurde gelukkig maar een dagje, en was toch weer goed voor de plantjes.
Door de heuveltjes van het voorgebergte van de Pyreneeën bereiken we het super-toeristische Carcassonne. Uitstekende plaats voor een lunch-stop en snel een kijkje te nemen in het historisch gedeelte, maar in de namiddag fietsen we de stad uit en vinden een rustig plekje voor de tenten iets buiten Caunes-Minervois.
Rond 22u30 begint er een fantastische licht- en geluidsshow. De ene bliksemschicht na de andere licht men tent op.
Fantastisch !

DSCF0818
Charles, preparing his bike after a lunch break.  We cycled during the heat wave, so breaks were numerous, daily distances modest  🙂

DSCF0823

DSCF0830
Sometimes it’s hard to find a nice wild camping spot.  On this day we had some troubles finding something suitable, but karma gave us this spot, a few meters above the road with fantastic views into a valley that would eventually lead towards Perpignan.

DSCF0837

DSCF0860

DSCF0868

DSCF0869

DSCF0871
Charles refreshing himself: If you can’t reach the river, you’ll always find other places for a good wash.
DSCF0873
Carcassonne shopping street.
DSCF0875
Carcassonne.

DSCF0879

Bij de splitsing tussen heet Canal Du Midi en het Canal De Jonction, dat richting Narbonne loopt neem ik afscheid van Charles.
Hij neemt morgen de trein terug naar huis. Na een aangenaam weekje in gezelschap zet ik men weg alleen verder en fiets via het Canal Du Midi opnieuw richting Carcassonne.

DSCF0886
We cycled on top of the Canyon de la Cesse.
DSCF0904
Minerve

DSCF0908

DSCF0911

Aanvankelijk vind ik het tof dat het jaagpad langs het kanaal onverhard is, en vaak zelfs single-track. Al gauw wordt het echter drukker op het pad. Dagtoeristen met de fiets met een trailer met kinderen, honden aan leibanden van vier meter, de bomma met haar roulator op de single-track,…. Allemaal heel goed dat de mensen buiten komen, maar het schiet niet op.
Ook krijg je weer de gebruikelijke opmerkingen constant naar je hoofd geslingerd. Bel je niet, roepen ze je na “Wat is ’t, heb je geen bel ?”.
Bel je wel, krijg je te horen “Wat is ’t, heb je geen plaats genoeg ?”.
Kortom: Teveel mensen.

DSCF0913
To the right, the Canal du Midi running over an aquaduct to cross a little side stream.

DSCF0915

DSCF0920

Een vijftigtal kilometer voor Toulouse is het jaagpad verhard en gaat het allemaal wat beter.
Ik steven nu recht op de Landes af. Een gebied dat bij de autotoerist op weg naar het zuiden clichématig als “saai” wordt bestempeld (want bossen zijn ‘saai’ natuurlijk).
Ik vond het allemaal eigenlijk heel goed meevallen op de fiets.
De voie verte over de oude spoorlijn van Bazas naar Mios is aangenaam fietsen door de bossen, waar het vrij eenvoudig is goede wildkampeerplekjes te vinden.
Langs het meer van Arcachon neemt het toerisme weer waanzinnige proporties aan en luid het devies hoe sneller je het achter je kan laten, hoe beter.

DSCF0928

DSCF0936
Old bridge for agricultural traffic (and a cyclist now and then) over the Canal du Midi.
DSCF0945
The ‘Landes’.
DSCF0946
Although this is a national park, trees are still cut, the ground is plowed deeply and new trees are planted neatly in rows.  In between the trees, ferns and nothing else.  Useless ‘forests’ for wild life.  In many national parks, I saw whole forests being mowed down.  The authorities, probably sensible some people might react, have put up a sign mentioning “Renewal of the forest. We are working on the forest of the future.”         What kind of crap is that ???      Forests have been able to take care of themselves since millions of years.   We don’t have to “work on the forest”.  Leaving the forest alone will create the most valuable forest, not plowing it and cutting it down all the time.

DSCF0950

DSCF0953

DSCF0955

DSCF0959

Ik volg nu de EV1, ‘La Vélodyssée’. Het is allemaal niet slecht, zeker niet, maar toch een beetje teveel drukte voor mij. Ik passeer door grotere plaatsen als Royan, Rochefort en La Rochelle.

DSCF0968
Brilliant empty beaches deep in the landes. The Atlantic to the left, then the dunes protecting the forest to the right.
DSCF0973
Watch out where you put your hand when picking berries 🙂
DSCF0980
Atlantic beach, closer to the parking lot.

DSCF0983

DSCF0988

DSCF0991
La Rochelle
DSCF0999
Myocastor coypus / Nutria / Beverrat

DSCF1004

DSCF1012

DSCF1014

DSCF1016

DSCF1029

DSCF1035

DSCF1036

Een dikke tien kilometer voor Pornic verlaat ik de Vélodyssée en fiets landinwaarts richting Saint-Viaud waar ik afgesproken heb met men vrienden Inge, Choi en Leon. Saint-Viaud heeft een meertje waar een luchtkasteel op drijft waarop een mens allerlei kunstjes kan uithalen en zich jonger kan wanen dan ie is.
Van Saint-Viaud is het nog maar enkele kilometers naar Paimbœuf aan de Loire.
De Saint-louis kerk in het dorpje is in Byzantijnse architectuur en een soort mini Hagia Sophia.

DSCF1040
Inge, choi and Leon, welcoming me in their holiday home 🙂
DSCF1046
Some barge burned down on the Loire the night before.
DSCF1052
Saint-louis charge in Paimbœuf.

Ik fiets een klein stukje verder tot aan de monding van de Loire. Hier gaat een mega-brug over de rivier. Fietsen over de brug is niet verboden, maar er is geen centimeter rijstrook voorzien voor fietsers en het stijgt serieus, aangerzien er grote schepen onderdoor moeten kunnen.
Gelukkig is er een shuttle busje dat enkele keren per dag heen en weer rijdt. Het busje heeft een trailer waar zes fietsen op kunnen (info hier).

DSCF1060
The bridge over the Loire River to Saint-Nazaire.

DSCF1066

DSCN6359

Hoewel de Loire niet de officiële grens met Bretagne is, voelt het instinctief wel zo aan, en lijkt het op de kaart ook de logische grens.
Meer over mijn tocht door Bretagne in een volgend bericht.

Southern France and a little taste of Catalonia

Ik verlaat de vallei van de Herault, klim over het heuvelruggetje en daal af naar het riviertje de Buèges. Ik fiets even door St-Jean-de-Buéges, een heel oud dorpje. Best mooi.
Via de smalle D122 fiets ik verder naar het zuiden. Geen verkeer, uitzicht op de Montagne de Séranne rechts van me, ideaal om te fietsen. Ware het niet dat het werkelijk bloedheet is en de weg steil omhoog loopt.
In een bocht leg ik me onder een boom in de schaduw.
Volledig op.

DSCF0417

DSCF0415

DSCF0414

DSCF0418

DSCF0413
Look, ‘Tour de France’ Bananas 🙂

DSCF0426

De goden zijn me echter wederom gunstig gezind.

Het wordt bewolkt. Eerst witte wolkjes, dan al wat grijzer, een donderslag, een bliksemschicht en in geen tijd ziet de hemel pikzwart. Nog even doorklimmen en dan dender ik naar beneden. enkele spatten regen, maar ik blijf het onweer net voor.

DSCF0431

DSCF0434

DSCF0436
Entering St-Jean-de-Buéges
DSCF0439
St-Jean-de-Buéges

DSCF0440

DSCF0447

DSCF0456

DSCF0461

Voorbij het stadje Clermont-l’Herault fiets ik naar de Cirque de Mourèze over smalle, rustige weggetjes.
De auto’s staan echter al geparkeerd tot voor het dorp Mourèze. Ik wip snel de tourist info binnen om uit te zoeken hoe ik best de Cirque kan bekijken.
Alweer bleek ik op het juiste moment op de juiste plaats te zijn. Er was vandaag één of ander concert in het dorp, vandaar al dat volk. Wel jammer was dat een deel van de wandeling om en doorheen het gebied daardoor afgesloten was.
Er zijn gewoon teveel mensen die teveel onnozel entertainment nodig hebben medunkt.

DSCF0470

Via een klein steegje doorheen het dorp langswaar er nog wel toegang is, vind ik men weg naar de Cirque de Mourèze en al zen grillige, puntige rotsen.
Verbazingwekkend dat ik hier als enige rondloop in dit mooie gebied. De enkele honderden meters die ervoor gewandeld dienen te worden blijkt alweer voor 99% van de mensen teveel te zijn.
Goed.

DSCF0475

DSCF0478

DSCF0484

Wanneer ik terug naar men fiets wandel, passeer ik landgenoten die ook een kijkje komen nemen.
De vrouw heeft een stel benen waarop je zonder probleem de kathedraal van Antwerpen op zou kunnen laten rusten. En het is geen spiermassa.
Het pad is super eenvoudig en kan probleemloos door een honderdjarige afgelegd worden.
De vrouw dient echter van een steen ongeveer 20 centimeter omlaag te stappen.

Ik wacht geduldig op haar afdaling…
Aarzelend gaapt ze naar de kloof ter grootte van een molshoop die voor haar ligt. Niet wetende dat ik haar taaltje versta loopt ze tegen haar man te klagen “dat is elk jaar hetzelfde dat gij mij zoiets “aandoet”. Al twintig jaar ga ik met jou op congé, en elk jaar is het hetzelfde en pakt gij mij mee naar zo’n dinges”.
De vleeshoop blijft maar klagen en van jetje geven. Plezant uitstapje voor die man en hun twee kinderen.
Ik overweeg nog om de man in te fluisteren “een beetje verder is er een afgrond; één klein duwtje en je bent voor altijd van dit soort gezever verlost”, maar ik laat het maar. Ik heb men goede daad deze maand al verricht.
En ach, het is ook een beetje ‘eigen schuld, dikken bult’ natuurlijk.

DSCF0495

In Bédarieux neem ik de voie verte de Languedoc voor een kleine 20 kilometer. Een heel mooie voie verte die ik zeker nog eens helemaal wil volgen.
Deze keer daal ik echter af door de vallei van de Orb, zuidwaarts richting de wijngebeden van de Languedoc. Ik kruis het Canal du Midi en neem weer even de fietsroute naar Barcelona op. Deze gaat echter over iets te drukke wegen, vind ik en laat ook de mooiere gebieden links liggen. Daarom draai ik na het dorp Tuchan rechtsaf naar het westen richting Padern en Cucugnan. Iets zwaarder werk want ik moet opnieuw de heuvels in met de hittegolf die maar blijft aanhouden.
Zonder het me op dat moment zelf te realiseren rond ik op 25 juli 2018 ergens in de buurt van Tuchan de kaap van men honderdduizendste fietskilometer (enkel kilometers op reis, niet thuis).

DSCF0513

DSCF0517
Anchovies, bread, cucumber, a podcast, sunshine, peace & quiet. Life is good.
DSCF0520
Voie verte de Languedoc.

DSCF0528

DSCF0542

DSCF0565
First meters along the Canal du Midi

DSCF0571

’s Avonds koel ik nog een uurtje af in het riviertje L’Agly en zet wat verder men tent op.
Iets voor zonsondergang begint een hond, niet heel in de verte te blaffen.
Aan het volume en de zwaarte van het geblaf kan je opmaken dat het zo’n hond is de grootte van een kalf.
Woef-woef-woef…. anderhalve seconde pauze woef-woef-woef, ….
Dit gaat zonder enige onderbreking door.
Ik blijf het onbegrijpelijk vinden dat mensen zo’n beest kunnen houden en ervan uitgaan dat de hele buurt dat moet accepteren. Ik blijf het onbegrijpelijk vinden dat je dat zelf kunt blijven verdragen, dag na dag na dag.
Als ik ooit naast zoiets woon vliegt er de eerste avond een rauwe biefstuk vol rattenvergif over den draad.
Om middernacht steek ik men oordopen in.
Dat is de eerste keer dat ik dat doe als ik wild kampeer, maar het was dat, of…
Als ik rond een uur of vier wakker word, doe ik efkes een oordop uit, en het beest is nog steeds aan de gang, kan je dat geloven ???

DSCN6305

DSCN6320

DSCN6323

DSCN6325

DSCN6345

Terwijl de Tour de France volop bezig is, en niet eens zo ver van waar ik me nu bevind, fiets ik de volgende ochtend door het dorpje Latour-de-France, of ‘La Tor de França’, want ik bevind me al een tijdje in het Catalaans gedeelte van Frankrijk.

DSCF0581

Er is geen strook meer vlak hier.
Na weer een colletje beklommen te hebben daal ik van Llauro af naar het dal van de Tech en het stadje Céret. Mooi plaatsje om een middag op een terrasje te zitten en alles wat gade te slaan.
Maar, geen tijd daarvoor.
Klimmen ga ik doen.

Het smalle weggetje D13-f loopt langs een diepe kloof recht omhoog de Pyreneeën in.
Liters zweet kost het me voor ik op de col de Fontfrède aankom.
Slechts 869 meter hoog, maar naar het einde toe was het steil.
De hitte weegt echter nog zwaarder dan de steiltegraad.
In de afdaling schrijf ik nog een ander colletje, de Col de la Brousse op men palmares.
Het dorpje Las Illas ligt juist voor de grens.
Via zigzag-weggetje met stijgingspercentages tot 13% bereik ik de Col de Manrella (715 meter).
Voor de zoveelste keer in men fietscarrière zet ik men tent op, pal op de grens tussen de twee landen.

DSCF0588

DSCF0589

Vanavond is het maansverduistering die ik van hierboven goed kan bekijken.
Kilometers hier vandaan, in de diepte ligt de autobaan naar Barcelona. Ik hoor het verkeer tot hier boven.
Dat blijft één van de grote minpunten van fietsen in west-Europa.
Praktisch nergens ontsnap je aan menselijk lawaai, hetzij verkeer, hetzij hun honden, hetzij het geboenk van bassen uit auto’s of God-weet-waar het steeds vandaan komt.
In Scandinavië wil het nog wel eens lukken om enkel natuurlijke geluiden te horen maar eens bezuiden het Kattegat is het hopeloos.

DSCF0611Beneden in het dal mag dan wel de autostrade lopen, ik lijk hier boven men tent weg gezet te hebben naast de everzwijnenstrade. Vanaf zonsondergang en de hele nacht door zitten ze rond men tent in de grond te wroeten. Vaak vlak ernaast en moet ik ze wegjagen.

Spanje !
Ik zeg niet dat ze in Frankrijk onvriendelijk zijn, maar in Spanje is het gelijk toch allemaal wat hartelijker en opnieuw is het opmerkelijk hoe goed de autobestuurders hier zijn, hoe ze geduldig achter je wachten, ook op bochtige bergweggetjes tot ze 100% zeker zijn dat ze je voorbij kunnen zonder je leven in gevaar te brengen. En dit is nog maar Catalonië. In de rest van Spanje is het nog beter.

DSCF0608

Voorbij het dorpje Agullana kruis ik de snelweg in la Jonquera.
Een hell hole vol truck stops, supermarkten, outlet stores, een drukke N-weg en de autostrade.
Allemaal in het smalle dal gepropt.

Hier pik ik even de Eurovelo 8 route, oftewel de Pirinexus route op. Beide lopen hier samen over onverwacht mooie weggetjes. Perfect compacte gravel waar je zo op zou kunnen beginnen tennissen. Rijdt fantastisch.

Ik fietste een goed jaar geleden met de mountainbike al eens door het dorpje Peralada, maar neem nu uitgebreider de tijd om het plaatsje te bekijken.
Vreemd dat ik me er niets van herinnerde.

In het volgende dorp, Vilanova de la Muga (Muga is de rivier die hier loopt) merk ik plots dat ik al schrikbarend dicht bij de kust zit.
Absoluut geen mogelijkheid tot wild kamperen daar.
En als er één iets is waar ik als de dood voor ben, is het een kamping aan een Spaanse Costa eind juli.

Ik neem eerst nog even een kijkje in het fantastisch mooie kerkje van het dorp waar de pastoor op een zaterdag om 5 uur ’s middags persoonlijk de gelovigen verwelkomt aan de ingang, zich dan snel omkleed en al zingend naar zen altaar loopt, geflankeerd door een jonge misdienaar.
Ik verlaat snel het kerkje.
Buiten hoor ik hoe hij aan zen toespraak, of preek of wat dan ook begint, en dan beginnen ze samen te zingen, de pastoor en zen twaalftal gelovigen.
Gemiddelde leeftijd: minstens 80 jaar.
Wat spijtig is want het oprukkende…. ach laat maar.

DSCF0639

DSCF0625

Ik draai men stuur en fiets enkele kilometer terug naar een veldje dat er oké uitzag voor een nacht.
Op weg naar men plekje voor de nacht zie ik een otter in de Muga rivier zwemmen.
Rond de tijd van zonsondergang scheren de vleermuizen rakelings langs men tent.
Schitterend.
Er wandelen ook drie everzwijnen voorbij.

Het lawaai van de drukke N-260,die in vogelvlucht op één kilometer lag, werkte al op men systeem, en nu blijkt er ook ergens een zware geluidsinstallatie open gedraaid te worden.
Vreemd, uit de richting waar ik vandaan kom en enkel oude boerderijen zag staan. Waarschijnlijk toch een soort discotheek langs die N-260.
Moest ik één van die oude boeren zijn en ze zouden plotseling zoiets openen waardoor men bed weet-ik-hoeveel nachten per week in de kamer staat te daveren…. je zou me al gauw met enkele jerrycans benzine en een aansteker rond die discotheek zien lopen.
Problemen zijn er immers om aangepakt te worden. 🙂

DSCF0644
When I created my route, I decided to visit the Mediterranean coast as well. This is what I found. Horror, oh horror ! Of course, I knew to expect this, and therefore my route along the coast was 1,5 km long only hehe.
DSCF0647
Soon I returned inland and only a few kilometer from the coast, I’m back in my own habitat.
DSCF0649
Granted, the climb was a bit steep and rough. You can still see the Mediterranean in the background.

DSCF0652

DSCF0654

DSCF0656

DSCF0666
The tent finally collapsed the last night. No more ways to repair the broken poles.
DSCF0668
Girona
DSCF0669
My little windowless room in Girona. But the owner did everything to make it nice and comfortable.

Na een nachtje in het mooie stadje Girona neem ik de trein naar Barcelona waar men moeder een nieuwe tent mee naartoe zal brengen.
We hebben vijf dagen om de stad te verkennen. Juist tijdens die verschrikkelijke hittegolf natuurlijk, die maar blijft aanhouden.
Het is jammer dat de tickets voor de Sagrada Familia reeds weken op voorhand uitverkocht waren, maar de andere belangrijke attracties bezoeken we wel, Casa Mila, Casa Batllo, Park Guëll, Montjuic, de oude Gotische wijk ….. etc.
De gebouwen van Gaudi zijn natuurlijk prachtig, maar de manier waarop je gedwongen wordt in 2018 een stad te bezoeken is gewoon belachelijk en irritant.
Je moet weken op voorhand een ticket online kopen en dan een tijdslot uitkiezen waarop je je zal aanmelden aan de attractie.
Zo kan je dan bv om 13u30 naar Park Guëll gaan.
Je komt geen minuut vroeger binnen als je er al aankomt om bv 13u10.
Twintig minuten wachten in de blakende zon dus.
Je mag maximum 29 minuten te laat komen.
DSCF0718Arriveer je om 14u00 wordt de toegang onverbiddelijk geweigerd en ben je je centen kwijt.
Opnieuw betalen gaat zelfs niet, als je al zo gek zou zijn dat te doen, want het tijdslot is natuurlijk uitverkocht.

Je moet ook op voorhand perfect inschatten hoe lang je op elke plaats blijft, hoe lang je verplaatsing naar je volgende attractie duurt, etc…
Iemand die nooit eerder in Barcelona geweest is en Casa Mila bezoekt moet dat dus met de natte vinger allemaal doen.
Zeggen van “amai, ’t is warm, kom we gaan rap een terrasje doen” kan dus niet meer, want je hebt dan 28 euro per persoon betaalt om Casa batllo te bezoeken, en dan ben je die kwijt, en kom je er tijdens deze citytrip niet meer in.
Ergens voorbij wandelen en zeggen “amai, dat ziet er iets tof uit, kom we gaan eens binnen”.
Vergeet het.
Nog even, en je hebt in de Begijnenstraat meer vrijheid als toerist in een populaire grootstad.

DSCF0675
The Sagrada Familia, still unfinished.
DSCF0684
Casa Mila, Gaudi architecture

DSCF0686

DSCF0700
Casa Batllo

DSCF0701

Het blijft natuurlijk een fantastische stad, maar de manier waarop je ze willens nillens moet bezoeken slaat dus nergens op.
En het is duuuuuur.
Niet enkel de hotels, maar vooral de toegangsprijzen zijn van de pot gerukt.
Gelukkig ben ik niet iemand die al die steden afloopt.
Dat zal de gemiddelde Catalaan natuurlijk worst wezen, want toeristen genoeg.
Neen, toeristen teveel, dus … misschien moet je er gewoon begrip voor hebben.

DSCF0726
Placa Real, Barcelona.
DSCF0732
The excellent writer George Orwell fought in the Spanish Civil War and is honoured with a square in Barcelona.
DSCF0733
One of the very best books ever, 1984 by George Orwell, but I gues in Catalunia they like him especially for his book ‘Homage to Catalonia’.
DSCF0746
Park Guëll

DSCF0756

DSCF0759

DSCF0788

DSCF0740
A welcome sign for the tourists 🙂

Men kameraad Charles is afgereisd naar Figueres om een weekje mee te fietsen. Het zwaarste stuk van zen tocht krijgt hij de eerste drie dagen voorgeschoteld wanneer we de Pyreneeën opnieuw moeten oversteken.
Het is bloedheet wanneer we aan de klim uit Figueres beginnen en wanneer we een eerste riviertje tegenkomen zetten we de fietsen alras aan de kant. Maar wow, dit heb ik de laatste weken nog niet meegemaakt. Het lijkt wel puur gletsjerwater. Ijs en ijskoud is het.

DSCF0791
My new tent. The same Salewa Micra II as before. The new version deteriorated compared to the one I had. Why on earth these flashy green colour, screaming out loud ‘Here I am !’ ?? Also the sleeves at the top that replace the clips are a deterioration.

DSCF0792

DSCF0795

DSCF0800
My friend Charles in front of the Dali house in Figueres. Eggs on the top, bread against the walls.

Dat de warmte ons naar het hoofd gestegen is blijkt duidelijk. Een normaal mens wordt er niet vrolijk van als er wolken opdagen, maar wij nu dus wel.
Iets voorbij het plaatsje Maçanet de Cabrenys zetten we onze tenten op in een bos in het gezelschap van opmerkelijk veel wespen en natuurlijk weer de nodige everzwijnen ’s nachts.
De onvermijdelijke gezel van de wildkampeerder in de Pyreneeën.

DSCF0802

Update hoe het ons verder vergaat in Frankrijk volgt spoedig.

Belgium, France: A new European chapter

Na een kleine recuperatie van de Zuid-Amerika-reis en vliegensvlug weer kilo’s bijgekomen te zijn, vertrek ik vanuit België richting Spanje met de fiets.
Hiervoor heb ik wat bestaande fietsroutes gemixt en aan elkaar geknoopt en er regelmatig wat eigen creaties tussen gevoegd.
DSCF0001Via Schotenvaart en het Albertkanaal bevind ik me al gauw op de ‘Kempen-Hagelandroute’, een tot fietspad omgetoverde spoorlijn.

Men eerste overnachting op de bivakzone iets buiten Aarschot was een tegenvaller.
De plaatselijke jeugd had de zone ook ontdekt en kwam er ’s avonds jointen roken en bier zuipen.
Geen risico’s meer vanaf nu. Ik ga gewoon lekker illegaal wildkamperen, dan ben ik tenminste op men gemak.
Vanuit Aarschot, waar ik op de markt een grote zak kersen koop voor onderweg, fiets ik een stukje via de Demer richting Scherpenheuvel.
Gisteren was ik tot tweemaal toe gewaarschuwd dat het hier ‘serieus’ zou gaan heuvelen, maar dat viel goed mee. Hoogteverschillen van slechts enkele tientallen meters.
Aan de basiliek in Scherpenheuvel doe ik een kaarske branden.
Als je hier dan toch bent…
Je weet nooit waarvoor het goed is.

DSCF0027
The basilica of Scherpenheuvel

DSCF0025

DSCF0021
The candle in the middle is mine. World peace 😉

Ik maak nog een praatje voor de basiliek met een tachtigjarige rakker op zen koersfiets. Hij kwam uit Peer gefietst, en als hij in ’t weekend met de club ging rijden, deed hij nog 160 kilometer op een dag !
Van Scherpenheuvel fiets ik terug richting de de Demer naar een volgend hoogtepunt, Zichem.
Voor de kerk staat een standbeeld van Ernest Claes met ‘De Witte’ in zen nek.DSCF0030

Juist buiten Zichem beklim ik de Maagdentoren en iets voorbij Diest neem ik voor een stukje de ‘Kempen-Haspengouwroute’ op. Ik fiets nu door de Getevallei.
Blijkbaar was de rivier de Gete de eerste hindernis die de Duitsers tijdelijk tegenhield nadat ze Luik veroverd hadden. Ik weet niet meer over welke van de twee wereldoorlogen we hier spreken.

DSCF0035
The virgen tower near Zichem.

Men tweede nacht zet ik men tent op in een bosje langs het fietspad en luister op Radio 1 naar België – Engeland.

De Belgische hoogtepunten rijgen zich aan mekaar. Ook in Tienen arriveer ik op marktdag. Ik fiets een hele tour door de stad op zoek naar één van de iconen van de Vlaamse televisie maar Ben Crabbé laat zich niet zien.
Lichtelijk teleurgesteld (of zeg maar gerust ‘serieus ontgoocheld’, Ben !) fiets ik verder richting Jodoigne, Geldenaken op zen Vlaams. Ook Marc Wilmots heeft zich goed verstopt.

DSCF0047
Football fever in Tienen.

Door Wallonië lopen enkele uitstekende fietspaden, de Ravels, die me tot in Namen brengen. Ik doorkruis de hele stad, maar vind geen enkele frituur die open is, en daar had ik juist zo’n zin in.
Genoeg kebab- en durumzaken die open zijn.
Zo ver is het gekomen. Een mens vindt geen fritten meer in een Belgische provinciehoofdstad.
Wel pitta’s.
Ik weiger daar echter binnen te gaan. Dan eet ik nog liever een banaan.

’s Namiddags neem ik een duik in de Maas. Iedereen doet dat hier.
Ietsje voorbij Dinant vind ik dan toch nog men laatste portie fritten voor ik de grens oversteek.

DSCF0058
La Meuse
DSCF0066
Dinant
DSCF0068
Bayard rock, Dinant

Onderaan de kaart van België heb je zo’n instulping waar Frankrijk een eind in België reikt. Daar fiets ik nu, de Maasvallei volgend. De rivier maakt hier de ene bocht na de andere en ik kan praktisch steeds op een autovrij fietspad rijden.
Temperatuur: 29°C in de schaduw, tien graden warmer in het zonnetje. Ideaal fietsweer.
Nu nog, want ondanks dat de heuvels aan beide zijden langs me oprijzen komt er zolang ik langs de Maas blijf fietsen weinig klimwerk aan te pas. Om te klimmen is dit weer iets te warm, maar ik zal het uiteindelijk niet kunnen vermijden.

DSCF0082

DSCF0092

In Sedan ga ik in een cafeetje aan het station een cola drinken. Het is zondag en alle winkels zijn dicht, en dan kan ik na het nuttigen van men drankje aan de bar vragen men bidons te vullen.
Het café zag er langs buiten een normale zaak uit, met een terras en parasols van Grimbergen bier.
Binnen stond echter een karaoke machine. Een soort Noord-Franse Eddy Wally, compleet in witte blinkende joggingbroek, witte flashy schoenen, wit hemd en exact dezelfde coiffuur als Eddy Wally stond één of andere Franse song over Tennessee ten berde te brengen.
Het was zo slecht dat het prachtig werd.
Na hem kwam een vrouw van een jaar of 55, tattoos in de nek, een piercing door haar onderlip en van die grote gaten in haar oren aan de beurt.
Kortom, marginaliteit troef en dus een zalig plekje om efkes tot rust te komen.
Er was ook een jurytafel met drie leden, die de helft van het café in beslag nam. Dat was geen enkel probleem, want er waren maar vier karaoke-zangers.
Toch is er dan eentje die uiteindelijk van het podium valt.

DSCF0095
In my quest to avoid busy road, I do end up in curious places from time to time 🙂

Een tiental kilometer ten zuiden van Sedan is het gedaan met de pret.
Geen fietspad meer langs de rivier.
Via wat geklungel door velden omdat ik geen goesting heb de grote baan te nemen begin ik aan men eerste klimmetje van deze tocht. Niks noemenswaardig, we gaan maar naar 280 meter, naar het dorp Amblmont.
Een groot plakkaat naast de kerk meldt dat Louis XIV (de Zonnekoning ?) hier in 1680 op het uitkijkpunt gestaan heeft en gezegd moet hebben ”Il n’y a pas de plus bel endroît dans tout mon royaume !”.

Volgens mij moet Louis XIV die dag een goed stuk in zen kraag gehad hebben.
Het is hier weliswaar niet mis, maar nu gaan claimen dat dit het mooiste plekje van zen koninkrijk was …. nee, dan kan ik de Louis naar andere plekjes meenemen.

DSCF0100
According to Louis XIV the most beautiful place of his kingdom.

DSCF0101

Op en neer, op en neer gaat het maar. Ik zit nu in de vallei van ‘La Chiers’, een riviertje ten oosten van de Maas.
Er is in deze regio zwaar geknokt, zowel in de eerste als de tweede wereldoorlog. Ik fiets langs redelijk veel monumenten. Een groot bv in Villy-La-Ferté.
Ik steek ‘Les Hauts de Meuse’, een lange heuvelrug ten oosten van de Maas opnieuw over richting Verdun. Mooi stadje maar ik blijf er niet al te lang hangen.
Ten zuiden van Verdun volg ik de D34 die eigenlijk een beetje te druk naar men goesting is, tot aan St.-Mihiel. Opnieuw een plaatsje dat niet mis is, met een veel te grote kerk voor wat het is.

DSCF0102
Villy-La-Ferté

DSCF0111

DSCF0122
Verdun

DSCF0123

DSCF0126
Camping behind a big field of sun flowers.

DSCF0127

DSCF0129

Voor een derde maal steek ik de ‘Hauts de Meuse’ over, van de Maasvallei naar de vallei van de moezel, richting Pont-à-Mousson.
De voorbije dagen steeg de temperatuur in het zonnetje voorbij de 40 graden. In de namiddag begint het zowel links als rechts van mij bewolkt te worden en hoor ik wat gerommel in de lucht. Tijd om dekking te zoeken en men tentje veilig en wel beschut op te stellen in het bos.

Van al die regen en onweer blijkt weinig in huis te komen ’s avonds en ’s nachts.
Maar juist als ik ’s ochtends men tent opgebroken heb en wil vertrekken begint het te regenen natuurlijk. Voor het eerst sinds maanden moet ik terug een regenjas aantrekken.
In Pagny-Sur-Moselle bereik ik de Moezel en via het jaagpad erlangs wat later ook Pont-à-Mousson.

Bij het binnen rijden van Nancy kom ik Paul en Bea tegen. Samen gaan we op een terrasje iets drinken, het weer is inmiddels opgeklaard. Zij hebben reeds een hotelletje gebooked. Aanvankelijk wilde ik de stad nog uitfietsen en een plekje voor de tent zoeken, maar dan zie ik hoe mooi Nancy is en besluit ook een hotelletje te nemen zodat ik op men gemakje kan rondkijken.
Er zijn enkele prachtige pleinen in Nancy die blijkbaar op de Unesco lijst staan. De Place Stanislaw is met voorsprong het knapst.
Ook veel Art-Nouveau gebouwen.

DSCF0151
Paul & Bea, two Dutch cyclists I met just outside Nancy.
DSCF0156
I was wondering why on earth one would paint a hotel room completely in pink ??
DSCF0160
To match the toilet paper of course ! 😀
DSCF0163
A bizarre labyrinth of pipes in my room.
DSCF0152
Place Stanislaw, Nancy
DSCF0165
Place Stanislaw, Nancy

DSCF0168

DSCF0169

DSCF0170

DSCF0171
Bikeshop in Nancy

DSCF0174

DSCF0179

DSCF0181

DSCF0193

DSCF0195

Ten zuiden van Nancy blijf ik de Moezel volgen over uitstekend geasfalteerde jaagpaden. Ik verlaat ook de Lorraine regio en fiets de Vogezen binnen.
In het plaatsje Charmes word ik overladen met twijfels en keuzes.
Er is een camping.
Blijf ik daar zodat ik naar Brazilië – België kan kijken, of fiets ik nog wat verder ?
Verlaat ik de fietspaden langs de rivier en trek ik een beetje de heuvels in, of blijf ik verder rijden langs de jaagpaden richting Epinal ?
Kiezen is verliezen !
Na een kwartiertje twijfelen in de schaduw onder de brug heb ik beide knopen door gehakt. Geen voetbal, ik fiets verder, en wel recht de heuvels in richting het plaatsje Dompaire.

DSCF0202

DSCF0212

DSCF0214

Ten zuiden van Dompaire tref ik een nieuwe waterweg, het ‘Canal Des Vosges’. Ideaal om dagen met klimmetjes af te wisselen met vlakkere dagen langs het water. Ik doe ook in elk van deze waterlopen, natuurlijk of uitgegraven, dagelijks een zwemmeke. De temperaturen lopen ’s middags op tot boven de veertig graden in de zon.

In Fontenoy-le-Château verlaat ik het Vogezenkanaal en trek weer de heuvels in om af te dalen naar het riviertje ‘La Superbe’.

DSCF0220

DSCF0223

DSCF0224

In Port-Sur-Sâone bereik ik weer een andere rivier, de Sâone waarlangs ik een tijdje zal fietsen.
De Sâone is de enige serieuze rivier in noordoost Frankrijk die richting het zuiden vloeit. Op de 480 kilometer van de bron in de Vogezen tot aan de samenvloeiing met de Rhône in Lyon heeft de rivier een verval van amper 232 meter. Een rustig watertje dus.
Ideaal om te zwemmen.
Ik fiets ook nog efkes langs het Rijn-Rhône kanaal alvorens opnieuw naar de Sâone te fietsen.
Dit Rijn-Rhône kanaal verdient verder onderzoek, of er befietsbare paden langslopen om in de toekomst eens langs te rijden.

DSCF0227

DSCF0231
Eindelijk gevonden ! Ne nagel om aan ….

DSCF0238

Iets voorbij Saint-Jean-de-Losne, trouwens allemaal plaatsjes met mooie kerken met kleurrijke daken hier, fiets ik Fanny, een Belgische fietster tegen het lijf die richting Montélimar rijdt.
Samen rijden we tot in Chalon-Sur-Sâone. Zo zijn we alvast zeker om op de camping niet de enige België supporter te zijn voor de halve finale tegen Frankrijk vanavond.
Zoals steeds wanneer ik naar een match van de duiveltjes kijk loopt het faliekant af.
Wanneer ik voorspel dat ze verliezen en niet kijk, winnen ze, en scoren veel goals.
Dan kijk ik eens en scoren ze niks en verliezen ze.
Bende sjakossendragers.

DSCF0246
When the hills are too abrupt to build locks, they simply built a tunnel for the canal.
DSCF0250
The weather is so hot, even the cows take a bath to cool down a bit.
DSCF0259
A region with beautiful roofs on old public buildings and churches.

Gelukkig is de tour de France inmiddels ook gestart.
Eigenlijk ben ik nog steeds kwaad op dat evenement en zou ik het nog enkele jaren moeten boycotten wegens die debiele beslissing die de Belgische juryvoorzitter verleden jaar nam om Sagan te schorsen in de sprint tegen Cavendish. Ik zou beter naar de Giro Rosa kijken die ook bezig is en waar Jolien d’Hoore toch maar mooi weer een ritoverwinning op haar naam geschreven heeft. Curieus of de mannen dat ook gaan kunnen. Met 19 Belgische deelnemers maken we toch meer dan 10% van het peloton uit.
Jolien d’Hoore wint zelfs twee ritten achter elkaar, een spurt met lengtes voorsprong 🙂

Jolien d'Hoore
Jolien d’Hoore

Na Chalon-Sur-Sâone verlaat ik de rivier en fiets naar het westen richting Givry. Ten zuiden van Givry zou, volgens het boekje ‘Fietsen naar Barcelona’, ‘de mooiste voie verte van Frankrijk’ lopen. De voie verte is inderdaad vrij mooi, het is aangenaam fietsen zo autovrij, maar écht spectaculair vind ik het nu ook weer niet.
Ik hoop dat er mooiere voie vertes in Frankrijk zijn.

DSCF0265

DSCF0266

DSCF0287

DSCF0268
0,5 kg cherries fit perfectly in an Ortlieb handle bar bag.

DSCF0272

DSCF0292
At first I thought these 2 snails were dying but I think they were eating something.

Cluny is een klein stadje met een grote abdij die ik best wel een bezoekje wilde brengen. En ik wil ook gerust betalen om een kijkje te nemen, maar 9,50 euro vind ik echter aan de hoge kant. Ik kom door vele stadjes, met vele oude gebouwen. Als ik dat telkens moet neertellen worden dat duizenden euro’s per jaar, dus pas ik.
Cluny is ook het stadje waar de fietsroute naar Barcelona zich splitst in een deel dat door het Centraal Massief loopt en een ander deel dat terug afdaalt naar de Sâone en uiteindelijk de Rhône.
Ik kies voor de laatste optie omdat ik twee jaar geleden al door het Centraal Massief fietste.
Voor ik de stad Macon nader wijk ik van de route af om kleinere weggetjes te nemen.

DSCF0298
The abbey in Cluny
DSCF0302
Cluny

DSCF0310

DSCF0314

In het plaatsje Belleville bereik ik terug de Sâone. Ik moet twee bruggen over, de eerste over de ‘Autoroute du Soleil’, de tweede over de rivier.
Er staat een bord dat fietsers er niet overheen mogen. De weg is smal en druk.
Wat de autoriteiten vergeten, als ze een verbodsbord gezet hebben, is een alternatief suggereren. Dat alternatief vind ik zelf ook niet zo meteen, en dus veeg ik men laars aan het verbod en steek met gevaar voor men leven beide bruggen over.

DSCF0320

DSCF0322

Op enkele kortste stukjes na, kan ik nu de hele tijd naast de rivier tot in Lyon fietsen.
Door een twee kilometer lange tunnel, met speciale koker voor fietsers, fiets ik van de Sâone naar de Rhône, juist voor ze samenvloeien.
Lyon zou een mooie stad zijn. De kathedraal in de verte op een heuvel ziet er heel knap uit, de bruggen waar ik onderdoor fiets zijn ook heel mooi, maar ik besluit toch gewoon de stad te verlaten.
Het is 13 juli. Vanavond vuurwerk, morgen de nationale feestdag. Dan ben ik liever niet in een stad.

DSCF0329
Lyon cathedral
DSCF0330
One of the many beautiful bridges over the Rhône in Lyon.

Het fietspad langs de Rhône houdt nog op te bestaan alvorens je de stad uit bent.
Ik kom Reinhard tegen, een tweeënvijftig jarige Duitser die op de fiets op weg is naar Marseille en ook nog twee Polen op de fiets.
Iedereen is wat de draad kwijt door het abrupte einde van het fietspad, maar dankzij men Garmin en de track van ‘Fietsen naar Barcelona’ loods ik hen de stad uit. Reinhard fietst als laatste.
Hij roept plots dat het rood is voor hem en blijft netjes wachten voor het licht, ook al komt er geen verkeer van de andere kant.
Ook bij een tweede stoplicht waar wij nog snel doorheen fietsen gaat hij in de remmen.
De twee Polen ‘verliezen’ we aan de supermarkt en samen fietsen we verder de drukke stad uit, over wegen die eigenlijk niet geschikt zijn om te fietsen.
Meermaals rijd ik daarom via het voetpad, waar dat mogelijk en veiliger is en flitst zelfs nog een keer mee door het oranje
Reinhard volgt uiteindelijk men voorbeeld.
52 jaar Duitse opvoeding en discipline in anderhalf uur naar de vuilbak verwezen.
Goed gewerkt Koen ! 😉

DSCF0331
De grote Stan Ockers, tot op de dag van vandaag geëerd in Lyon.
DSCF0337
A French frog 🙂

DSCF0338

We fietsen tot in het plaatsje Condrieu waar we de tenten wegzetten op de camping L’Ile-Des-Pêcheurs. Eén van de gasten verjaart vandaag en daarom is er een petanque tornooi georganiseerd, wat vermoedelijk de lievelingssport van het feestvarken is.
Rond half elf zou het afgelopen zijn. Half elf wordt half twaalf, waarna het nog een driekwartier duurt voor de gasten, die allen dezelfde camping delen en elkaar binnen enkele uren terugzien, om afscheid te nemen van elkaar.

De volgende dag fiets ik nog een eindje verder met Reinhard. Hij blijkt een ingenieur te zijn die werkt voor een firma die onderdelen maakt voor de auto-industrie.

Bij de samenvloeiing van het riviertje ‘Le Doux’ en de Rhône nemen we afscheid van elkaar. Reinhard vervolgt zen weg langs de Rhône, ik ga stroomopwaarts de vallei van de Doux.
Er volgt gelijk wat klimwerk. Ik zou kunnen stoppen aan de camping hier om de wedstrijd voor de derde plaats tussen België en Engeland te bekijken, maar men nachtrust is me meer waard, dus ik fiets verder en zoek later wel een plekje in de vrije natuur.

DSCF0345
Catching the last rays of sun at a wild camping spot in the forest.

DSCF0346Ik ben trouwens het natuurpark ‘Monts d’Ardeche’ ingefietst.

Na het plaatsje Lamastra kan ik voor een kleine twintig kilometer de voie verte naar Le Cheylard volgen. Dit wil zeggen dat de steiltegraad nauwelijks merkbaar is en ik weer even heerlijk autovrij fiets. Door een oude treintunnel fiets ik onder het plaatsje Nonières.

DSCF0347

In Ucel, een klein dorpje juist ten noorden van Aubenas ga ik nog eens naar een camping. De camping vlak naast de Ardèche kost 41.00 euro. Forfaitprijs voor twee personen, een auto en een caravan. Het feit dat ik alleen ben, met een fiets en klein tentje, verandert daar niks aan voor hen.
Indien je ook nog enkele druppeltjes elektriciteit wilt, kost dat extra.
Allemaal wat teveel van het goede dit.
Ik fiets een honderdtal meter de heuvel op naar een andere camping, waar ze ook met forfaitprijzen en al die zever werken maar ze me na wat gepingel voor 15 euro te slapen willen leggen.
Wat voor een flauwe kul is dat nu, die forfaitprijzen ??
Als je straks benzine gaat tanken met een kleine Daewoo Matiz, gaan ze dan zeggen, “we rekenen forfait 80 liter aan, tank je minder heb je pech “?

Men vierde camping op deze tocht.
Na een kinderdisco die uren doorging, zat gelal en gezangen de hele nacht na een voetbalwedstrijd, een verjaardagsfeestje met petanque toernooi hadden ze ook hier weer een verrassing in petto.
Ik bofte toch maar mooi vandaag aan te komen. Vanavond was het namelijk paella-avond als het droog bleef, en er kwam ook nog een magiër.
Tot 16u00 kon ik me ‘inschrijven’.
Ik spurtte snel naar de mij toegewezen plaats en maakte men regendans, hopende zo de hulp der goden te krijgen voor een hevig onweer de hele avond lang.
Het bracht geen soelaas.

Een licht- en geluidsinstallatie werd opgebouwd op een twintigtal meter van men tent.
Zo kon ik, zonder me ‘in te schrijven’ toch van de feestelijkheden mee genieten. De magiër stelde zich voor als zijnde iemand van de regio, maar zoals zovele ‘artiesten’ woonde hij in Parijs.
Straf dat iemand die als magiër op campings moet optreden voor een tiental bejaarden en kleuters zichzelf als artiest blijft zien, en wie weet in welk rijtje andere illustere kunstenaars plaatst hij zichzelf.

De show evenaarde het gehalte van wat een klein kind in de jaren tachtig, die juist een toverdoos voor zen achtste verjaardag had gekregen, ten berde kon brengen. Hij hield iets in zen handen, en … simsalabim… plots toverde hij het uit zen zakken. Ook moest er iemand een kaart uit een boek kaarten trekken en, ongelooflijk maar waar, ongezien zelfs en totaal onverwacht kon de magiër zeggen welke kaart dat was.
Maak dat mee !
Ja, ik was een echte bofkont op deze camping verzeild te zijn geraakt.
Het gesjouwel op luttele meters van je tent, telefoongesprekken die op luidspreker gezet dienden te worden tot ver na middernacht… alles maakt deel uit van de “charme” van een campingverblijf.
Ik blijf het onbegrijpelijk vinden dat op een plaats waar mensen centen betalen om te overnachten, c.q. slapen, er nul komma nul respect opgebracht kan worden voor zij die wensen te slapen.

DSCF0361
Not that I need it, but I found it 😉

Wanneer ik ’s ochtends voor men tentje zit te ontbijten komt men dikke buurvrouw voorbij gewandeld met haar roze pispot waarin ik de inhoud vrolijk heen en weer zie kletsen….
Ze heeft opnieuw een soort wielrennersbroek aan en spannend t-shirt.
Elk t-shirt zou spannen bij haar.

Geen rustdag dus, maar hupsakee weer de fiets op de volgende ochtend.
Ik wilde nog enkele podcasts downloaden op de camping, maar de wifi ging trager dan in 1984.

Voorbij Aubenas volg ik een Voie Verte verder naar het zuiden, maar deze is af te raden.
Hele kleine stukjes zijn geasfalteerd, maar vaak zijn het gewoon nog de losse stenen waar ooit de rails op lagen.
Ondertussen fiets ik het nationaal park van de Cevennen in.

DSCF0366
Ardeche river
DSCF0375
Voie vertes, old railways turned into hiking and/or biking trails do not always mean smoothly paved surfaces.
DSCF0377
And you better not try to ride them at night.

DSCF0379

DSCF0382

DSCF0397
The Tour de France will cross my toute in a couple of days.
DSCF0400
Last year, I had lunch at this very same picnic table outside Bessège, known from the bike race ‘Étoile de Bessèges’ (De Ster van Bessège)

DSCF0401

DSCF0409
Visitor whilst wild camping

To be continued soon…

Ecuador: A tropical goodbye to South-America

Ik verblijf vijf dagen in de Peruviaanse hoofdstad Lima, die mooier en properder is als verwacht.
Vijf dagen zodat ik rustig de tijd heb om alle bezienswaardigheden op men gemakje te bezoeken.

DSCN6207 (1)
My little room in Guayaquil

DSCN6245 (1)

DSCN6220 (1)

DSCN6242 (1)
Many buildings with beautiful facades in Ecuador’s biggest town.

DSCN6256 (1)

DSCN6262 (1)

De laatste dag van men verblijf in de stad stak de diarree weer de kop.
Aangezien de Panamerica langs de kust weinig interessant is om te fietsen en te gevaarlijk verder noordelijk door regelmatig banditisme waar men niet steeds netjes vraagt om je bezittingen af te geven, en meer nog omdat het plaatselijke rijgedrag van de automobilisten op dit soort wegen niet echt uitnodigt tot aangenaam fietsen, besluit ik om alweer een bus te nemen, richting Guayquil, juist over de Ecuadoriaanse grens.
Nu vele weken diarree ben ik heel wat afgevallen en is het krachtenarsenaal niet op peil om gelijk opnieuw de Andes in te fietsen naar hoogtes tussen de vier- en vijfduizend meter, wat het enige alternatief is voor de Panamericana.

Na wat verdere recuperatie in Guayaquil kan ik dan een stukje landinwaarts fietsen en de ‘Trans-Ecuador’ rijden ( http://www.bikepacking.com/routes/trans-ecuador-dirt-road/ ) fietsen. Deze zal zwaar zijn, met opnieuw enorme bergpassen, maar wel over onverharde wegen, wat toch altijd interessanter is, mooier ook en je hebt er toch minder last van het verkeer.
Door de bus tot in Guayaquil te nemen heb ik nu ook de tijd om deze route rustig te fietsen.
Momenteel wordt wel aangeraden om in het noorden van Ecuador van de route af te wijken omdat het daar… “onrustig” is. Iets met protesten tegen uitbaters van een goudmijn.
Langs de kust is net noorden van Ecuador wordt zéér sterk afgeraden wegens banditisme, maar er is een andere weg door de bergen die wel oké zou zijn.

Binnen twee maanden heb ik dan een vlucht van Bogota naar Barcelona.
Nog een maandje Ecuador en een maandje Colombia dus.

DSCN6243 (1)

DSCN6268 (1)
In Latin-America, the churches are still full 🙂

DSCN6258 (1)

DSCN6253 (1)

DSCN6267 (1)

DSCN6269 (1)
I found myself a Thai restaurant in Guayaquil.

Dit uitstekende plan hield echter geen rekening met één iets wat roet in het eten blijft strooien.
Diarree waarvan de oorzaak niet gevonden wordt, of waar blijkbaar geen uitsluitsel over gegeven kan worden in Zuid-Amerika.
Is het nu wel of niet salmonella ?
En welke bacterie of virus is het dan ?
Of is het een parasiet ?
In de ziekenhuizen vond men telkens niets en de antibioticakuren werkten niet, of slechts heel tijdelijk.
Maanden antibiotica blijven innemen en zo verzwakt de Andes terug infietsen op stenen paden, ver van verdere medische zorgen is eigenlijk gewoon een dom idee, hoewel het me moeite gekost heeft het te laten vallen.

In Guayaquil besluit ik men vlucht te wijzigen en van daar naar huis te vliegen om even aan te sterken en de nodige onderzoeken te laten uitvoeren.
Ik verhuis naar een hotelletje in het stadscentrum want zal in totaal elf dagen in de stad verblijven.
heel veel heeft de havenstad niet te bieden, maar ik geniet ervan terug even in de tropen te zijn, een mooie en vrij rustige kamer te hebben en te kunnen kiezen uit een iets uitgebreider culinair aanbod

Enkele cijfertjes:
Total distance South-America: 12.298 km
Total altimeter South-America: 148.562 m

De volledige route in Zuid-Amerika (incl de busritten Camana – Lima & Lima – Guayaquil)

Peru Part 2, from the mountains to the desert

Route: Chivay – Lari – Huambo – El Pedrigal – Camana

De ochtend dat ik Chivay verlaat kijk ik eerst nog efkes naar Sportweekend op ‘VRT.nu’ om nog een keer op de hoogte te zijn van de sportactualiteit.
Ik ben al twee dagen aan het twijfelen of ik langs de linkeroever van de Colca rivier door de canyon ga rijden, of de rechteroever.
De hoofdweg loopt over de linkeroever, maar er loopt ook een weggetje langs de andere kant, wel langer en meer klimwerk.
Ik besluit om toch over de hoofdweg te fietsen.
Het verkeer zal wel meevallen. Alle andere toeristen komen voor dag en dauw uit hun bed want ze moeten voor 8 uur op het 45 kilometer verderopgelegen viewpoint ‘Cruz del Condor’ zijn, om deze vogels te zien vliegen.
Tegen 10 uur komen de bussen dan terug.
Ik kom tegen 10 uur uit de douche.
Rond 12 uur fiets ik het dorp uit richting het ‘centro de interpretacion’, dat nog in aanbouw is. Hier duikt de weg de canyon in.
Dan zie ik dat als ik langs deze kant fiets ik de hele dag foto’s tegen de zon in moet trekken. Ik keer snel op men stappen weer, fiets terug naar en door het dorp en volg het weggetje langs de rechteroever.
Ook nog geasfalteerd. Het gaat wel gelijk flink op en neer.

Wanneer ik een achttal kilometer verder in het eerstvolgende dorpje Coporaque arriveer is het hele dorp uitgelopen en staat de fanfare me op te wachten.
Ze hebben zich ook allemaal netjes uitgedost. De vrouwen in hun kleurrijke kostuums en witte Eddy Wally hoedjes, de mannen met hun cowboy hoed op.
Er wordt ook veel bier gedronken en gedanst.
Wat fijn dat deze mensen er zo’n feest van maken dat ik door hun dorp fiets.
Er wordt me bier aangeboden, maar ik sla het af. Er moet nog gepresteerd worden vandaag.

DSCN5675

DSCN5680

Na een half uurtje fiets ik verder. Ook het asfalt laat ik in dit dorp achter me. Het weggetje wordt een slecht, bonkig pad.
Goed.
Ik daal steil af in de kloof richting de Colca, dwars door de in onbruik geraakte terrasbouw.
Dan weer omhoog naar het volgende dorp, Ichupampa.

In de verte hoor ik alweer de fanfare spelen en iedereen in het dorp heeft zich weer uitgedost op z’n paasbest. Deze keer hebben ze zelfs zes stieren helemaal versierd.
“Dit kan toch niet allemaal georganiseerd zijn voor een gringo fietser ?”, denk ik, dus vraag ik enkele gepensioneerden die voor de zwaar beschadigde kerk op een bankje zitten wat er aan de hand is.
Het feest van San Isidoro, zo blijkt.
De kerk is beschadigd door een aardbeving lang geleden.

De pastoor geeft een toespraak voor de kerk. Er is ook een beeld van San Isidoro wat rondgedragen wordt, opnieuw uitgebeeld met enkele stieren. Een man loopt rond met een lint rond z’n borst waarop San Isidoro gedrukt staat.
Hij zal de levende versie uitbeelden.
Hij heeft een soort van grote, platte pistolet op zen rug gebonden waar gaten inzitten en de bevolking bloemen insteekt.
Mannen en vrouwen drinken veel bier.
Ha, nogal wat anders dan die ramadan, die ook vandaag begint 🙂
Er wordt ook telkens een beetje bier over de stieren gegoten.
Ongetwijfeld hopen de boeren dat deze nu kalfjes gaan produceren die bier geven in plaats van melk.

Ik ben de enige toerist in het dorp, wat het hele gebeuren toch iets authentieks geeft. De dorpen zijn officieel trouwens onbereikbaar door wegenwerken, maar met de fiets of motor kan je erdoor.

DSCN5698

DSCN5701

DSCN5704
Iedereen op z’n Paasbest voor het feest van San Isidoro.  De vrouwen hebben hun typische Eddy Wallyhoedjes op en ook de stieren zijn uitgedost voor de festiviteiten.

DSCN5708

Na een stevig klimmetje kom ik in het dorp Lari. Geen feestelijkheden hier, maar wel drie dronken mannen die me tegenhouden en iets over de wereldbeker voetbal en Andres Mendoza brabbelen.
Lari heeft een heel mooie kerk, de derde die ik bezoek vandaag.
Buiten Lari daal ik af, diep de kloof in van de Colca en vind een schitterend plekje voor de tent.
Hier, op 3.300 meter blijft de temperatuur na zonsondergang nog een tijdje aangenaam (met fleece en donsjas aan) en geniet ik van de sterren en melkweg.
De voorbije week stond ik telkens duizend meter hoger en werd het om zes uur ’s avonds als de zon weg was op enkele minuten bitter koud.

DSCN5746
Inside the church in Lari
DSCN5756
The church in Lari
DSCN5760
The Colca Canyon, second deepest in the world between my tent and the mountain.
DSCN5766
Morning view from my tent.

Wanneer ik de volgende ochtend het zandweggetje afdaal richting het bruggetje over de Colca zie ik een pijl naar rechts staan: “Laguna 3 colores: 2 km”.
Beslist niet ver voor zo’n veelbelovende attractie.
Ik sla het weggetje in, wat na 1,4 km abrupt ten einde loopt.
Ik laat de fiets achter en wandel ver door het zompige gras. Nergens een laguna te bekennen.
Ik klim nog een heuvel over, maar ook daar niets.
Onverrichterzake keer ik op men stappen terug en klim terug naar de splitsing, om dan weer verder af te dalen in de kloof.
Voor het eerst sinds 51 dagen daal ik onder de 3.600 meter.
Voor eventjes maar.

DSCN5773

DSCN5807
Lama doing what’s necessary 🙂

Het bruggetje over de Colca rivier bevindt zich op 3.150 meter, waarna ik via een steil zandpad de canyon weer uitklim tot aan de geasfalteerde hoofdweg.
Daar is een ‘mirador’ waar ik men middagmaal opeet.
Er staat ook een houten barak die gesloten is.
Die zal ’s ochtends vroeg open zijn voor de busladingen toeristen die hier dan iets te drinken kunnen kopen.
Al snel komt er uit de kloof vanachter de bosjes een incavrouw gekropen die vraagt of ik nog water heb.
“Ja, water heb ik genoeg, maar een colaatje zou’k wel willen”.
Ze had enkel de fluo gele Incacola, maar dat is ook ok.
Ik eet verder men pistoleetjes op met uitzicht op de hoge Andes toppen.
Ergens tussen deze berg en deNevado Mismi die ik gisteren voorbij reed ligt de bron van de Amazone.

DSCN5813
The bridge over the Colca river  I have to cross, deep in the canyon.
DSCN5838
Just to the right of that snowy peak is the source of the Amazon river.

DSC03571

DSCN5810

DSCN5857

 

Over de asfaltweg, bijna zonder verkeer in de namiddag, fiets ik verder richting ‘Cruz Del Condor’.
Daar staan nog drie andere mensen die met de auto tot hier gereden zijn.
De kloof is hier indrukwekkend diep. De zon staat echter totaal verkeerd om er een goede foto van te maken.
Ook de condors blijken er in de late middag geen zin in te hebben.
Morgenvroeg is het hier een gekkenhuis met alle toeristen, dus ik fiets nog een beetje verder tot aan de Mirador de Tapay.
Daar loopt een smal zandweggetje verder de berg op. Na een tijdje kom ik op een plateau ideaal voor de tent met een spectaculair uitzicht op de hoge toppen aan de andere kant van de canyon.

DSCN5867
Cruz del Condor
DSCN5864
Colca Canyon

DSC03577

DSC03578

’s Ochtends zie ik twee backpackers zitten aan de Mirador de Tapay. Een Fransman en een Duitse. Zij zijn de hele nacht met bussen onderweg geweest van Arequipa tot hier.
Ik blijf het onbegrijpelijk vinden waarom die backpackers altijd ’s nachts met bussen liggen rond te tsjokken. Weten ze wel wat voor spectaculaire landschappen ze missen ??

Met men verrekijker zie ik op de parking aan de Mirador Cruz Del Condor zeker veertig bussen staan, minstens 500 mensen !
Hier staan we met drie.
Er waren geen condors te zien, maar net als ik doorrij komen er twee over gevlogen.

Er volgt opnieuw een afdaling naar ongeveer 3.200 meter en, onvermijdelijk, een klim die me opnieuw boven de 4.000 meter brengt.
Boven vliegt opnieuw een condor over me.
Slechts eenmaal eerder zag ik er drie, op Tierra del Fuego en dan de hele lengte van de Andes door Argentinië, chili en Bolivië geen enkele meer.

DSCN5913
Cycling at the edge.

DSC03583

DSC03584

DSC03590

DSCN5923

Aan men rechterzijde zie ik de enorm diepe kloof, maar nooit meer de bodem ervan. Ik fiets hier langs de diepste punten van de canyon.

Opnieuw daal ik via een reeks haarspeldbochten de diepte in naar het dorp Huambo.
Dit is de laatste plaats waar ik inkopen kan doen voor het 125 kilometer verderop gelegen El Pedrigal.
Het is al bijna vier uur wanneer ik iets gegeten heb en men inkopen gedaan heb, maar ik besluit toch het dorp te verlaten. Kamperen brengt me rustigere nachten, en vooral gezelligere als de betonnen hokken die je in een eventueel kamertje hier vindt.

Men laatste dag klimmen door de Centrale Andes werd nog een stevig dagje met eerst een klim naar 4.165 meter, dan een klein beetje dalen om opnieuw naar 4.185 meter te klimmen.
Dan volgt er een afdaling naar een zeer winderig dal. Totale verlatenheid hier.
De laatste klim overbrugt slechts een hoogteverschil van 350 meter naar men laatste pas, 4250 meter hoog.

DSC03598

DSC03601

DSC03603

Was het iets psychologisch, dat ik wist dat hierna enkel nog de lange afdaling naar de kust volgde, of was ik fysiek op het einde, ik weet het niet, maar ik heb een uur en drie kwartier gezwoegd en afgezien om die 350 hoogtemeters te overwinnen.
Het pad was slecht met grote keien, er stond een stevige, koude wind en ik had ontzettend last van men onderrug.
Dat gebeurde de twee vorige keren ook toen ik een verschot had gehad en daarna veel moest klimmen, maar met die koude en het gebonk op het keienpad werd het extra zwaar.
Bijna elke tien hoogtemeters moest ik voet aan de grond zetten.

DSCN5970

DSCN5990

Maar uiteindelijk bereik ik de top.
Eén of andere freak heeft hier op alle rotsblokken met rode en blauwe verf ‘propriedad privada’ gespoten.
Als ze zo tekeer geen in dit niemandsland, zal dat ook wel een onvoorspelbare gek zijn als hij je toch betrapt met je tentje, dus ik besluit alvast wat af te dalen.
Het keienpad blijft archi-slecht en ik schiet maar langzaam op.
Vijfhonderd meter lager vind ik eindelijk een geschikte plaats voor, voorlopig, een laatste nacht in de hoge Andes.
Toen ik over de top kwam, voelde het plots al veel kouder aan dan op andere passen, en terwijl de temperatuur de voorbije nachten tot slechts één of twee graden onder nul daalde werd het hier om 18 uur als de zon juist weg was al bitter koud.
Tegen 5 uur ’s ochtends gaf men thermometer -12,5°C aan in de tent.
buiten dus nog enkele graden kouder.
Geen probleem in men lekker warme slaapzak, maar ik wacht wel tot 8 uur, twee uur na zonsopgang om uit men tent te komen.
Om negen uur is het t-shirt weer.

Ik heb reeds een tiental kilometer afdaling achter de rug, maar dalen van 4.250 meter naar zeeniveau duurt ongeveer 150 kilometer.
Terwijl er veel hogere passen zijn, zijn er maar weinig plaatsen in de wereld waar je in één keer zo diep kan afdalen denk ik.
Een afdaling waar ik al lang naar uitkeek, na al deze hoogtemeters eerst zelf bij mekaar gefietst te hebben.

DSCN5996

DSCN6000

DSCN6013

Uiteindelijk bleek die hele afdaling nog een zwaar karwei.
Het pad verbeterde niet, waardoor ik met de remmen dicht moest blijven afdalen.
De remblokjes die ik in Chivay kocht, waren ook al na 1,5 dag weg gesleten.
In één van de vele bochten van de afdaling, ik hobbel tegen 15 km/u uur of zo naar beneden, komt plots een vrachtwagen de bocht uit, met zijn linkervoorkant helemaal tot aan (mijn randje) van de weg. Ik rem, wijk uit naar de enkele decimeter die me nog resten tussen het voorwiel en de afgrond. Door alle losse keien slipt men voorwiel weg en val ik, goed gemikt in de ruimte die me behoed om ofwel appelmoes te worden onder het wiel, of dieper in het dal.
Ik zie de chauffeur uit zen opengedraaide raampje kijken, maar hij rijdt rustig verder.
Kl**tz%k !!

Late middag arriveer ik in El Pedregal, een véél grotere plaats als men kaart deed vermoeden.
Reeds 30 kilometer voor de stad begin de onafgebroken hoop sluikstorten op te duiken.

Ik bevind me nu in de Pampa de la Joya, een woestijngebied. Na El Pedregal fiets ik opnieuw op asfalt, de Panamericana Tussen Lima en Arequipa, de tweede stad van Peru.
Redelijk wat verkeer dus, maar er ligt een strookje naast waarop je relatief veilig kunt fietsen.

Vrij vroeg in de namiddag duw ik de fiets een hoge zandduin op. Ik wil nog een nachtje kamperen in deze woestijn alvorens ik de kust bereik.
De fiets zakt diep weg in het losse zand, maar ik wil een eind van de weg zijn om niet teveel last te hebben van het lawaai van bussen en camions ’s nachts. En verder weg en uit het zicht is ook veiliger.
Ik vind een prachtig plekje. Na zonsondergang gaat de wind ook liggen.
Wat fijn om terug warme avonden te hebben.

DSCN6030

DSCN6039

DSC03616
Camping in the driest desert on earth.  Better take some agua with you.

Eens aan de kust de volgende dag is er geen strook meer om op te fietsen. Rechts van de weg is er een bergwand en het is levensgevaarlijk smal met de bussen en vrachtwagens die voorbij denderen en nooit inhouden.
Gelukkig ligt er nog een klein weggetje juist naast het strand langs waar ik bijna tot in Camana kan fietsen.
Hier neem ik de bus naar Lima.
Ik heb geen interesse om de drukke Panamerica te fietsen en zo maak ik wat tijd goed die ik verloren heb door men ziekte in Puno.

DSC03617

DSCN6061
30 km outside El Pedrigal, the continuous dumping of garbage has started already.  Especially car tires here.
DSCN6074
Finally back at the pacific ocean.  First time since southern Chile.
DSCN6095
Lima
DSCN6099
Basilica de San Francisco, Lima
DSCN6109
Plaza de Armas, Lima
DSCN6116
Procession for Maria, Lima
DSCN6117
My hostal in Lima.
DSCN6129
Catedral de Lima
DSCN6130
Episcopal palace, Lima
DSCN6132
Inside the episcopal palace
DSCN6138
The bishop’s living room
DSCN6139
Inside the episcopal palace

DSCN6149

DSCN6169

DSCN6179

DSCN6183

DSCN6100

DSCN6200

DSCN6204
The South-American like their Jesus statues bloody
DSCN6205
The ‘vip’ bus to Lima.

 

Peru:
Distance: 890 km
Total distance South-America: 12.118 km
Average km per cycling day Peru: 49,44 km
Altimeter Peru: 9.658 m

Nights slept inside: 27
Nights slept outside: 13 (all wild camping)
Flat tires: 2

The GPS track can be downloaded from Wikiloc