The canals, coasts and old railway lines of Brittany / Bretagne

Eens de 3.356 meter lange Pont de Saint-Nazaire over, die in de Tour de France als een beklimming van vierde categorie gecatalogeerd staat, vervolg ik mijn weg over een voie verte richting Saint-Malo-de-Guersac. Iets voorbij het dorp fiets ik door de wetlands van ‘La Grande Briere’.
Na de oversteek van de rivier La Vilaine kom ik op ‘La Littorale’, een route omheen het schiereiland van Bretagne. Deze is soms gemarkeerd, maar vaak ook niet, gaat soms over geasfalteerde wegen, soms over single tracks. Mits een beetje voorbereiding of de route gewoon in je gps te steken is ie goed te volgen.

DSCN6373

DSCN6374
Vannes is a bigger town in Brittany. Luckily they ‘ve built an extra pipe in the tunnel for pedestrians and cyclists.

DSCN6376

Via de Littorale fiets ik richting Vannes en Carnac waar ik Sylvie en Arthur tref, waarmee ik in Spanje enkele aangename dagen samen fietste. Ze baten een mooie, vlak aan het
water gelegen b&b uit waar het één en al rust is en ik ook uitgenodigd word om enkele dagen pauze te nemen.  Meer info hier.

We maken een wandeling langs de baai, een fietstocht langs de drie stranden van Carnac en de menhirs een beetje verder inland, bezoeken het schiereiland met Quiberon aan de uiterste tip.
Sommige huizen in de Bretoense stadjes zijn roze geverfd. Van Sylvie verneem ik dat enkel de ‘Kaap Hoorners’, de zeemannen die Kaap Hoorn gerond hebben, het recht hadden hun huis roze te schilderen.
Het is dus een soort statussymbool.

DSCN6390
In the south of Brittany, St. Cornely is the best known of the holy protectors of cattle.
DSCN6391
Typical structure of the beams in the Carnac region.

DSCN6392

DSCN6394

DSCN6403
The Carnac Stones, a dense collection of megalithic sites consisting of alignments, dolmens, tumuli and single menhirs. The more than 3,000 prehistoric standing stones form the largest such collection in the world.

We kayaken en zwemmen ook nog in de baai, maar vooral wordt er overheerlijk gegeten. Oesters, meerdere keren in overvloed, schelpen, krabben, … alles wat de zee te bieden heeft hier.
Na vier verkwikkende dagen rust in Carnac zet ik men tocht verder.

DSCN6416

DSCN6434

DSCN6444

DSCN6478
Sylvie taking a break under the still hot September sun.

Sylvie fietst nog een eindje mee tot aan het Mer de Gavre, waarna ik alleen verder rij.
De weg D158 die op de smalle strook land tussen de zee en meer loopt wordt eigenlijk te druk bereden en zeker met de straffe tegenwind die ik heb is het geen lolletje. In deze omstandigheden was ik beter iets eerder landinwaarts getrokken.

DSCN6491

In het stadje Hennebont bereik ik de oevers en het jaagpad van de rivier Blavet. Een gekanaliseerde rivier met ettelijke sluizen om scheepvaart landinwaarts mogelijk te maken. Maar de rivier heeft wel zen bochtige karakter behouden. En er zijn wat bochten in deze rivier, dus het is zeker niet de kortste route. Misschien wel de aangenaamste, want ik rij opnieuw verkeersvrij over het jaagpad. Ooit gemaakt zodat paarden de binnenschepen over het kanaal konden voortrekken. In de goede oude tijd echter was het de vrouw van de schipper die deze taak op zich nam.
Zij stond dan om 5u30 op en maakte het ontbijt klaar. Om zes uur werd er samen ontbeten en om half zeven kon de vrouw dan het binnenschip in gang trekken. Dat was haar taak tot het middaguur.
De man had naast het navigeren nog vele andere taken, waardoor hij ’s ochtends soms pas zen laatste tas koffie kon leeg drinken terwijl hij al aan het werk was. Hij moest eerst en vooral zorgen dat het schip niet te vroeg aankwam, want misschien was er geen vrije ligplaats, maar ook niet te laat want dan was de ontvanger mal content en kreeg hij misschien geen nieuwe lading. Hij hield zich bezig met het betalen van tol, met de boekhouding het onderhoud van het schip, …
Rond de middag maakte de schippersvrouw dan de lunch klaar, die samen genuttigd werd.
Vaak spek, gebakken in overvloedig veel boter.
Het valt me op dat op foto’s uit deze tijd de schippersvrouw toch vaak aan de dikke kant is, ondanks haar fysieke arbeid.
Zij ging natuurlijk steeds met haar boterham door de pan om het laatste restje saus mee op te eten, en zo haar eigen speklaag te kweken.
Voor de klok één uur kon slaan, stond de man weeral in opperste concentratie zen schip te navigeren terwijl de vrouw het voortrok.
Zoals gezegd kwam dan later het paard om het schip te trekken, daarna de stoommachine en nu doen ze’t dus op mazout.
Op de Blavet is er echter weinig verkeer.
Verder stroomopwaarts, nabij Neuliac zie ik dat de sluisdeuren volledig in de modder zitten en uit hun hengsels hangen. Op een informatiebord lees ik dat het laatste schip er in 1951 gepasseerd is.

DSCN6492
At Hennebont.

DSCN6506

DSCN6524

DSCF1099

DSCF1102

DSCF1106

DSCN6533

Nadat ik mijn lunch genuttigd had naast een sluis merk ik dat ik vol teken zit. Maar liefst eenentwintig van deze monsters moet ik verwijderen. Negentien met het tekentangetje. Twee ervan hebben echter de onderkant van m’n rechtervoet gekozen en door het lopen zijn deze precies tot onder de huid geraakt.
Nu heb ik al eerder teken met mijn Zwitsers zakmes verwijderd, maar toen was het nog scherp.
Dan is het al geen pretje. In je eigen vlees snijden met een bot mes is nog moeilijker.
Uiteindelijk krijg ik ze eruit gesneden.
Een beetje ontsmettingsmiddel op de open wonde, een duik in de rivier om eventuele andere onverlaten die nog op me zouden rondkruipen te verwijderen en ik kan weer verder.

DSCF1136
Daniel Martin wins the 2018 stage at Mûr-De-Bretagne.  Although, if you look closely at the picture,  some seam to think is was Dean Martin 🙂

DSCF1141

Mûr-De-Bretagne is de volgende bestemming. Iedereen kent het plaatsje natuurlijk dankzij de doortocht van de Tour De France begin juli.
Ik verlaat Mûr-De-Bretagne via een oude spoorlijn. Ter hoogte van de abdij van Bon Repos kom ik opnieuw terecht op de jaagpaden langs de Blavet.
Iets voor Gouarec is er een splitsing. Rechts is verder stroomopwaarts langs de rivier Blavet, links start het kanaal Nantes-Brest dat ik volg.

DSCF1170

DSCF1172

DSCF1182
Pitching the tent half an hour before sunset at a hill top.

Je kan de omgeving niet super spectaculair noemen, daarvoor fiets je beter langs de kust, maar ik geniet van het autovrije jaagpad, de vele bochten in het kanaal, de bossen eromheen.

In Châteaulin stopt het jaagpad en zoek ik zelf m’n weg verder over zo rustig mogelijke wegen richting Brest.

De rivier Aulne steek ik over via een wel heel bijzondere brug. De Pont de Térénez is een gebogen tuigbrug, wat volgens het alwetende Wikipedia een ‘zeer zeldzaam brugtype’ is. Ze heeft ook de langste overspanning tussen twee brugpijlers ter wereld, nl 265 meter.

DSCF1185
Pont de Térénez

Juist voor Brest steek ik opnieuw een brede rivier over, de Élorn. Fietsers mogen over de oude brug, het autoverkeer raast over de nieuwe Pont de L’Iroise. Deze brug is 800 meter lang en de langste overspanning is maar liefst 400 meter. Ze is echter niet gebogen, zoals de Pont de Térénez, en daarom is deze kortere brug toch de meer bijzondere.

DSCN6570
Pont de L’Iroise

Brest is druk, druk, druk en veel groter als gedacht waardoor ik er snel, snel, snel weer uit wil. De wegen zijn onaangenaam druk tot in Poulizan. Hierna volgt een mooi stukje kust waarbij ik de vuurtoren van Saint Mathieu passeer alvorens ik het Pointe de Corsen aan de Iroise Zee bereik.  Dit is het meest westelijke punt van het Franse vasteland.

DSCN6574

DSCN6580
Saint Mathieu
DSCN6586
Saint Mathieu lighthouse
DSCN6598
15% gradients, both up and down.

DSCN6603

DSCN6606
At La Pointe De Corsen.

Het is genieten van de spectaculaire Bretoense kusten. Soms heel rotsachtig, dan weer fantastische witte stranden. Begin september zijn quasi alle toeristen ook weer vertrokken en zijn de stranden leeg.
Goed.
Minder goed is de vaststelling dat de Bretoense chauffeurs agressiever zijn en sneller rijden dan deze in de rest van Frankrijk, waar de rijkwaliteiten niet slecht te noemen zijn, maar zeker ook niet goed.

DSCN6654

DSCN6686

DSCF1198

DSCF1203

DSCF1205

DSCF1208

DSCF1216

In Morlaix sta ik, zoals zo vaak tijdens mijn reizen, opnieuw voor een dilemma. Verder langs de kust wat ongetwijfeld een spectaculaire optie zou zijn, of inland gaan, waar een voie verte over een oude spoorlijn kan nemen, autovrij, in de bossen.
De eerste optie is gegarandeerd de mooiere, maar ik kies voor de tweede. Gewoon omdat ik wat wil genieten van het fietsen op zich.

DSCN6700
Many cycling routes come together in Morlaix.
DSCN6705
Morlaix.

DSCN6707

DSCN6708

De Voie Verte Morlaix – Carhaix valt me reuze mee.
Ter hoogte van het dorpje Gouarec bereik ik opnieuw de Blavet en fiets ik een twintigtal kilometer de route die ik een weekje geleden fietste in tegengestelde richting tot ik opnieuw in Mûr-de-Bretagne ben.

Van daar gaat het opnieuw over voor mij onbekend terrein, nog steeds langs de voie verte verder oostwaarts.
Langs de rivier La Rance bereik ik eerst Léhon en een beetje verder het toeristische Dinan dat vol ‘plezierboten’ ligt. Ik weet niet of de toeristen helemaal ingeshutteld worden vanuit Saint-Malo, of ze gewoon hier een klein stukje langs de rivier heen en weer varen.

DSCN6716

DSCN6719

DSCN6728
At Dinan

DSCN6732

DSCN6733

DSCN6736
Still at Dinan

Van Dinan gaat het naar Dinard dat aan de westelijke over van de Rance rivier ligt. Mooi, zeker, maar oh-zo toeristisch. Ik neem de overzetboot naar het nog toeristische Saint-Malo.

DSCN6738
Plenty of yaghts at the mouth of the Rance river. Saint Malo visible in the left corner.
DSCN6739
Saint-Malo, seen from the opposite river bank in Dinard.

Op voorhand had ik in m’n tent wat tijd gestoken om een zo rustig mogelijke route te vinden naar de Mont Saint-Michel, wat uiteindelijk ook geslaagd bleek. De hele route zet ik binnenkort wel online. Gewoon de hoofdweg nemen is gekkenwerk.
De Mont Saint-Michel.
Wereldberoemd natuurlijk. De abdij en de omliggende baai staan op de Unesco werelderfgoedlijst. Het is tevens de derde meest bezochte toeristische trekpleister van Frankrijk, na de Eifeltoren en het Kasteel van Versailles, met jaarlijks meer dan 3.500.000 bezoekers.
Volgens wikipedia kent de baai het grootste getijdenverschil van Europa (tot 15 meter). Ik meende dat echter al een keer tegengekomen te zijn in Noorwegen.
Wat opzoekwerk leert me echter dat ze in Saltstraumen, in de provincie Nordland, de ‘sterkste getijdestroom’ ter wereld hebben. Tot 400 miljoen m³ (ton) zeewater passeert elke zes uur door een 3 km lange en 150 m brede zeestraat. Maar dat is dus iets anders als ‘het grootste getijdenverschil’.

DSCF1250
Mont Saint-Michel
DSCF1261
Mont Saint-Michel

DSCN6766

Eens voorbij de Mont Saint-Michel verlaat ik Bretagne en licht Normandië op me te wachten.  Meer daarover gauw in een volgende post.

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s