Via de la Plata

Along the pilgrims road to north western Spain

Text in English & in Flemish

The first kilometers in Castilla y Leon I keep cycling through beautiful area, with often views of the snowy Sierra de Bejar.
Salamanca, what a wonderful city again. Very compact, all sights close together. The architecture is breathtakingly beautiful.

De eerste kilometers door Castilla y Leon blijven door mooi gebied gaan, met vaak uitzichten op de besneeuwd Sierra de Bejar.
Salamanca, wat een prachtstad opnieuw. Heel compact, alle bezienswaardigheden vlak bij elkaar. De architectuur is adembenemend mooi.

DSCF0092

DSCF0109

DSCF0110

DSCF0116
Camping with the snowy peak of Sierra de Bejar in the background.

DSCF0121

DSCF0123

DSCF0125

DSCF0129

DSCF0132

DSCF0140

DSCF0145
Approaching Salamanca
DSCF0150
The cathedral of Salamanca.
DSCF0155
Plaza Mayor, Salamanca

DSCF0158

DSCF0172

DSCF0175

DSCF0197

DSCF0199

DSCF0200

DSCF0201

DSCF0205

DSCF0208

Between Salamanca and Zamora follows a less spectacular part. I find myself on a plateau, always between 750 and 900 meters above sea level. It’s an agricultural area, very windy, of course, from the north so right in the face. The wind usually pops up around 10:30. That’s about the time when I’m about to leave in the morning. Normally the wind gets quieter around 18:00 hrs again. That’s usually the time I finish cycling and pitch the tent. This is a nice schedule, as it means that the nights are quite quiet, but it is hard working during the day.

Due to a puncture and problems with the valve, I lose some time and arrive in Zamora early afternoon only. What a hustle!
There are hundreds of thousands of tourists around here. There was a special procession for Maundy Thursday. I’m just too late. Large groups wearing such caps as the Ku-Klux-Klan (but with entirely different meaning !) must have marched through the streets.
The tourist info they tell me the rest of the program. The highlight will be at one o’clock tonight, at the city square with Gregorian songs. Very appealing, but way too crowed for me, and I bike out of town again.
That same evening I set a tent next to a very old castle ruin, with only a few walls left (Ruinas de Castrotorace).

Tussen Salamanca en Zamora volgt een minder spectaculair deel. Ik bevind me op een plateau, steeds tussen 750 & 900 meter hoogte. Allemaal landbouwgebied waar de wind, natuurlijk vanuit het noorden en dus pal op kop, overheen raast. De wind steekt meestal op rond 10u30. Dat is ongeveer de tijd wanneer ik bijna klaar ben ’s ochtends om te vertrekken. Normaal gaat de wind liggen rond 18:00. Dan staat meestal juist men tent op. Dit is een mooi schema, want dat betekend dat de nachten vrij rustig zijn, maar wel dat het overdag dus hard werken is.

Door een lekke band en problemen met het ventiel verlies ik wat tijd en fiets ik pas in de vroege namiddag Zamora in. Wat een drukte !
Hier lopen wel honderdduizend toeristen rond. Er was een speciale processie voor Witte Donderdag. Ik ben juist te laat. Grote groepen met van die kappen zoals de Ku-Klux-Klan moeten door de straten geparadeerd zijn.
Op de tourist info vertellen ze me de rest van het programma. Om één uur ’s nachts volgt het hoogtepunt op het stadsplein met Gregoriaanse gezongen. Heel aanlokkelijk allemaal, maar die drukte is me teveel, en ik fiets alras de stad weer uit.
Diezelfde avond zet ik men tentje op naast een heel oude kasteelruïne, waar enkel nog wat muren van over blijven (Ruinas de Castrotorace).

DSCF0241

DSCF0245

DSCF0249
Zamora

DSCF0252

DSCF0267
Bicycle friendly mentality in Spain.

DSCF0281

DSCF0287
Next to the ruins, I found a perfect camping spot. Quiet, sheltered from the wind and a beautiful view.

In the village of Granja de Moreruela, pilgrims should choose either to follow the main route further north, or to turn west via the ‘Camino Sanabres’ towards Santiago de Compostela.
I opt for the last option, because this is the road less travelled.

The landscape becomes much more interesting. Hillier and only sparsly populated.
Just after I crossed the Rio Tera, at the village square of Santa Marta de Tera, an older man approaches me. Even though I have told him twice I don’t speak Spanish, he continues to brawl.
I understand he wants me to put my bike against the wall and follow him.
Since I am of the obedient type, I do as he asks 😉
He leads me through the graveyard to the back of the church. Above the rear entrance is an old statue. I understand that this must be the oldest image of Santiago, on this route.
I don’t know if a prayer or something is expected now?
I just take a photo.

In het dorpje Granja de Moreruela moet de pelgrim de keuze maken om ofwel de hoofdroute verder noordwaarts te volgen, of om af te slaan naar het westen en via de ‘Camino Sanabres’ richting Santiago de Comostela te trekken.
Ik kies voor de laatste optie, omdat dit ‘the road less travelled’ is.

Gelijk wordt het landschap ook veel interessanter. Heuvelachtiger en dunner bevolkt.
Juist nadat ik de Rio Tera overgestoken ben, bevind ik me op het dorpspleintje van ‘Santa Marta de Tera’. Een oudere man komt naar me toe. Ondanks dat ik hem al twee maal verteld heb dat ik praktisch geen Spaans spreek, blijft hij maar verder brabbelen.
Ik begrijp dat hij wil dat ik m’n fiets tegen de muur zet en hem volg.
Aangezien ik van het gehoorzame type ben, doe ik wat hij vraagt.
Hij leidt mij via het kerkhof naar de achterkant van de kerk. Boven de achteringang staat een oud beeldje. Ik begrijp dat dit het oudste beeld van Santiago moet zijn, op deze route.
Ik weet niet goed of er nu een gebed of zo van mij verlangt wordt ?
Ik hou het maar op een foto nemen.

DSCF0307

DSCF0311

DSCF0318
The old Santiago sculpture
DSCF0324
Many times it felt like cycling in a botanical garden.
DSCF0326
Henk & Charlie, resp. Dutch & English/swiss hikers.

DSCF0328

In the village of Palacia de Sanabria I meet Sylvie & Arthur, mother and son cycling the Via de la Plata. Arthur cycles many pieces with me over the dirt roads, while Sylvie often follows the paved road. Arthur appears to be a surprisingly strong cyclist and also enjoys the heavier sections when we’re forced to push the bike up too steep rocks over a long distance.

Cycling in and out of the city of Ourense, on the Miño River, wasn’t a pleasant affair. Entering town via a long stretch of suburbs and industrial area, leaving town on a long steep climb over an ancient Roman road. Not many intersting highlights in the city. The most spectacular was probably the old bridge over the Miño, which is also the longest river in Galicia.

In het dorpje Palacia de Sanabria ontmoet ik Sylvie & Arthur, moeder en zoon die de Via de la Plata fietsen. Arthur fiets vele stukken met me over de onverharde route, terwijl Sylvie vaak de verharde weg volgt. Arthur blijkt een verrassend sterke fietser te zijn en geniet ook van het zwaardere secties wanneer de fiets soms over lange stuk steil de rotsen opgeduwd dient te worden.

De stad Ourense, aan de Miño rivier is een vervelend beest om in en uit te rijden. In door een vrij lang stuk door voorsteden en industriegebied, uit omwille van een lange steile klim over een oude Romeinse weg. Weinig bezienswaardigheden in de stad. Het spectaculairst was waarschijnlijk de oude brug over de Miño, wat tevens de langste rivier in Galicië is.

DSCF0348

DSCF0386
Arthur, sharing the burden of draging bikes up mountains.

DSCF0396

DSCF0397
Encoro das Portas reservoir

DSCF0414

DSCF0418
Encoro das Portas reservoir

DSCF0440

DSCF0442

DSCF0451

DSCF0459
Camping along Rio Arnoia

DSCF0478

DSCF0492

DSCF0511

On April 21, I arrive with Sylvie and Arthur in Santiago de Compostela. The famous cathedral is in scaffolds, but I arrived in this town 12 years ago already, and could admire the building at the time.
Being a good, pious pilgrim, I went to the pilgrim’s mass in the evening. Rather to see that incense vessel swirling through the church than for religious reasons.
Unlike 12 years ago, security guards now walk through the church. Here too, progress can not be stopped.
I’m in the last row in the left side of the church, so I can see that incense vessel well. But before the show starts, I’ll hear a dull slap behind me. A man in his fifties suddenly dropped to the ground.
He is dragged aside by the security man. Some people take care of him, but there seems to be little movement. After five minutes, a woman who’s seated a bit before, I guess she’s a doctor, me goes to check on the man.
I think she waited rather long to go and check on him, but of course she’s here as well to see
that incense vessel swinging through the church and not to reanimate old men who get too emotional.
There was a lot of youth at the back of the church, and some of them are now giggling around the victim and taking pictures of him with their cellphone. I start to suspect that guy is their teacher.
Eventually he is taken away by the ambulance, which only arrived half an hour after te man went down. I’m assuming that the class will have to take care of herself for the rest of the evening 🙂

Op 21 april arriveer ik samen met Sylvie en Arthur in Santiago de Compostela. De beroemde kathedraal staat in de steigers, maar 12 jaar terug arriveerde ik hier ook al eens met de fiets, en kon ze toen wel bewonderen.
Zoals het een vroom pelgrim als mezelf betaamd ga ik ’s avonds naar de pelgrimsmis. Eerder om dat wierookvat nog eens door de kerk te zien zwieren dan om religieuze redenen.
Anders dan 12 jar geleden lopen er nu security guards door de kerk. Ook hier is de vooruitgang niet te stoppen.
Ik zit helemaal op de laatste rij in de linker zijbeuk van de kerk, zodat ik dat vat goed kan zien zwieren. Maar nog voor het spektakel goed en wel van start gaat hoor ik een doffe klap achter me. Een vijftiger is plots ineen gezegen en tegen de de grond gestuikt.
Hij wordt aan de kant gesleept door de security man. Enkele omstaanders bekommeren zich om hem, maar er blijkt niet veel beweging in de zaak te komen. Na een vijftal minuten staat een vrouw die schuin voor me zit op en gaat zich met het zaakje bemoeien. Ik vermoed een dokteres.
Die heeft toch wel lang gewacht medunkt, maar ja, zij was natuurlijk ook hier om dat wierookvat door de kerk te zien zwaaien en niet om oude mannen wie het allemaal teveel wordt te reanimeren.
Achteraan in de kerk stond een boel jeugd, en een deel van hen staan nu rond het slachtoffer te giechelen en foto’s van hem te maken met hun gsm. Ik begin te vermoeden dat die vent hun leraar is.
Uiteindelijk wordt hij afgevoerd met de ambulance, die toch ook een half uurtje op zich liet wachten. Ik ga ervan uit dat de klas de rest van de avond wel z’n plan zal trekken 🙂

DSCF0532
Building of Santiago de Compostela’s university.
DSCF0548
Santiago Cathedral.

DSCF0572

DSCF0574
Last meal with Sylvie & Arthur, a much, much craved for pizza & beer.

Via de la Plata:
Distance: 584 km
Average km per cycling day: 48,66 km
Altimeter: 9.041 m

Nights slept inside: 2
Nights slept outside: 10 (all wild camping)
Flat tires: 1

My gps track can be downloaded from Wikiloc

Advertisements

Exciting Extremadura

Text in English & in Flemish.

DSCF0980I cycle back in Spain near the town of Badajoz. Yet another town set on the river Guadiana with another castle and beautiful old buildings.
From Badajoz to Merida I follow the ‘Camino Natural del Guadiana’ (GR 114).
We are only the beginning of March, but the fruit trees are all beautiful in flower and I get presented a colorful landscape.

Ik fiets Spanje terug in ter hoogte van het stadje Badajoz. Het zoveelste plaatsje gelegen aan de Guadiana rivier met opnieuw een kasteel en prachtige oude gebouwen.
Van Badajoz naar Merida volg ik de ‘Camino Natural del Guadiana’ (GR 114).
We zijn nog maar begin maart, maar de fruitbomen staan al mooi in bloem en ik krijg een kleurrijk landschap gepresenteerd.

DSCF0986

DSCF0999
Another view from the tent in the morning.

DSCF1014

DSCF0997

DSCF1003

Merida, the capital of the Extremadura region is worth visiting. The Roman Theater, the Roman bridge over the Guadiana (with 755 meters he world’s longest surviving bridge from ancient times), the Temple of Diana, ….

Merida, de hoofdstad van de regio Extremadura is een bezoek meer dan waard. Het Romeins Theater, de Romeinse brug over de Guadiana (met 755 meter ’s werelds langste brug uit de oudheid), de Tempel van Diana, ….

DSCF1032
Templo de Diana

DSCF1090

DSCF1054
The Roman Theatre
DSCF1083
The bull ring in Merida.
DSCF1080
Inside the bull ring.
DSCF1129
The Roman Bridge as seen from the Alcazaba.

After Merida I follow the Via de la Plata (the Silver Route that runs between Seville and Santiago de Compostela) direction Caceres.
I was honestly a little suspicious of this route, but it quickly turns out to be incredibly good. Many off-road, often single track through scenic areas.
The good thing about such pilgrimage is the historical side you face inevitably.

Vanuit Merida volg ik de ‘Via de la Plata’ (de Zilverroute die tussen Sevilla en Santiago de Compostela loopt) richting Caceres.
Ik stond eerlijk gezegd een beetje argwanend tegenover deze route, maar het blijkt al snel een ongelooflijke meevaller te zijn. Veel off-road, vaak zelfs single-tracks door mooie natuurgebieden.
Het fijne van zo’n pelgrimsroute is het historische kantje waar je onvermijdelijk mee geconfronteerd wordt.

DSCF1142

DSCF1143

DSCF1150

DSCF1155
Small, ordinary villages with big churches along the Via de la Plata.

DSCF1161

DSCF1163

DSCF1164

DSCF1181

DSCF1182

Caceres also again proved to be a very interesting city. I get them one after the other 🙂
This is the largest city of Extremadura, and I take the day off again to visit her properly .

Ook Caceres blijkt opnieuw een heel interessante stad te zijn. Ik rijg ze aan mekaar hier 🙂
Dit is de grootste stad van de Extremadura, en opnieuw goed voor een rustdag om de stad treffelijk te bezichtigen.

DSCF1215

I also take the opportunity to take a train to Madrid for a couple of days. A It’s a city I’d like to visit, but not want to cycle through.
The bike remains in the bicycle shop in Caceres, where they will put new chain rings in the front and a new cassette, a new chain and new brake pads.

Ik maak van de gelegenheid gebruik om ook eens per trein naar Madrid te gaan. Een stad die ik wel eens wil bekijken, maar te groot is om doorheen te fietsen, wat mij betreft.
De fiets blijft even in Caceres bij de fietsenmaker staan, waar hij nieuwe tandwielen voor en achter, een nieuwe ketting en nieuwe remblokken krijgt.

DSCF1252
Prado Museum Madrid. It can be visited for free the last 2 opening hours of the day.

DSCF1258

DSCF1268
Large percentages of people never fail to annoy me with their behavior, whether it’s in a museum, a church, a restaurant, at night in hotels or just on the street. That’s why night time is a good time to visit towns. The streets are empty, and I don’t have to get winded up because of all the noise most people have to make in the middle of the night in the hotel.

DSCF1269

DSCF1272

DSCF1278
The Royal Palace.

DSCF1282

DSCF1286

DSCF1295

DSCF1314

DSCF1299

DSCF1304

DSCF1344

Back in Caceres, I leave the city on the east through the ‘Caminos de Sierra de Fuentes. I’ll rejoin the via de la Plata later on, but I would like first to see some more of Extremadura.
My route leads me through the town of Trujillo. Another place with nice terraces, a beautiful cathedral, ditto market … I am only a month too early. End of April a great cheese festival takes place here.

Terug in Caceres, verlaat ik de stad oostwaarts over via de ‘Caminos de Sierra de Fuentes’. De via de la Plata neem ik later weer op, maar ik zou graag eerst wat meer van de Extremadura willen zien.
Men route leidt me door het stadje Trujillo. Opnieuw een meevaller met gezellige terrasjes, een prachtige kathedraal, dito marktplein, … Ik ben wel een maand te vroeg. Eind april vindt hier een groot kaasfestival plaats.

DSCF1004

DSCF1006
I never saw swimming caterpillars before, but this guy was happily swimming around.

DSCF1009

DSCF1030

DSCF1034

DSCF1062
Don’t know what they are, but you seem them everywhere in Extremadura, dragging that big, long body behind them.

DSCF1098

DSCF1078b

After Trujillo starts the heavier work. First I cross the Sierra de Pedro Gomez, followed by the Sierra de Guadalupe to the town of Guadalupe with its mighty cathedral.

Because I do not want to take the asphalt road to Canamero, I take my chances on a gravel path that soon becomes a single track. Insanely beautiful views of the ‘GeoParque’.
Then I go down to the ‘Cancho Del Fresno’ reservoir. Steeply over large loose boulders. I try to walk the bike down, but can barely hold it. Coming from the other side, this would be an impossible climb. Better take the paved road.

Na Trujillo begint het zwaardere werk. Eerst fiets ik de Sierra de Pedro Gomez over en daarna de Sierra de Guadalupe naar het stadje Guadalupe met z’n machtige kathedraal.

Omdat ik niet de asfaltweg naar Canamero wil nemen, waag ik m’n kans over een gravelpad wat al gauw een single-track wordt. Waanzinnig mooi uitzichten over het ‘GeoParque’ krijg ik voorgeschoteld. Dan moet ik afdalen naar het stuwmeer ‘Cancho Del Fresno’. Steil naar beneden over grote losliggende keien. Naast de fiets stappend kan ik deze amper houden. In de andere richting onmogelijk, en dus de weg nemen, moest je mijn gps track downloaden.

DSCF1110

DSCF1114

DSCF1128
The track into the ‘Geo Parque’ on the right. Fantastic nature in west-Extremadura.

DSCF1130

DSCF1139
The downhill towards ‘Cancho Del Fresno’ reservoir.

DSCF1141

After the descent to the reservoir follows the final climb to Guadalupe. Under the motto ‘Anything is better than asphalt’, I push the bike step by step back against the steep mountain face.

Na de afdaling naar het stuwmeer volgt de uiteindelijke klim naar Guadalupe. Onder het motto “Alles beter dan asfalt” duw ik de fiets stapje voor stapje opnieuw tegen de steile bergwand op.

DSCF1147
The tent I travelled with so far on the Iberian Peninsula was a bit worn (the bottom of the inner tent), so I picked up my Nigor WickiUp, an hexagonal tipi. Here only the inner tent.
DSCF1148
And with the fly.

DSCF1157

DSCF1170
The climb towards Guadalupe.

DSCF1172

DSCF1175

DSCF1178

DSCF1188
Guadalupe from the hill top.
DSCF1196
The huge monastery in Guadalupe.

DSCF1206I follow a bit of the ‘Camino Real de Guadalupe’ (which runs between Madrid and Guadalupe). Between Navatrasierra and Carrascalejo I’m again pushing the bike against a steep mountain on a rough hiking track. Better follow the paved road here.

After Carrascalejo I make a bend of about 180 degrees and then follow the ‘Camino Natural del (Rio) Tajo’ (GR 113), back to the west. I already biked part of this camino late last year, near the source of the river through the beautiful ‘Parque Natural del Alto Tajo’.

Ik volg nu een stukje de ‘Camino Real de Guadalupe’ (die tussen Madrid en Guadalupe loopt). Tussen Navatrasierra en Carrascalejo ben ik opnieuw lange tijd zoet met de fiets tegen een steile bergwand op te duwen. Beter de verharde weg volgen hier.

Na Carrascalejo maak ik een bocht van ongeveer 180 graden en volg nu de ‘Camino Natural del (Rio) Tajo’ (GR 113), terug naar het westen. Ik volgde reeds een stukje van deze camino eind vorig jaar, nabij de bron van de rivier door het mooi “Parque Natural del Alto Tajo’.

DSCF1212

DSCF1239

DSCF1240

The morning of April 4 I try for once to be a little earlier on the road. I would like to arrive around noon in Navalmoral de la Mata, so they can still fix my bike before the siesta (from 14:00 till 17:00 hrs).

As I descend towards the Tagus, I get magnificent views of the vast ‘Valdecenas’ reservoir. The snowy peaks of the Sierra de Gredos towering behind the reservoir.
Just before the bridge over the lake is a beautiful Roman gate. They moved it from elsewhere here.

De ochtend van 4 april probeer ik voor een keer iets sneller op pad te zijn. Ik zou graag rond de middag in Navalmoral de la Mata aankomen, zodat ze daar m’n fiets nog kunnen repareren voor de siesta (van 14:00 tot 17:00 u).

Als ik afdaal richting de Taag krijg ik eerst nog magnifieke uitzichten op het enorme Valdecenas stuwmeer met daarachter de besneeuwde toppen van de Sierra de Gredos.
Aan de brug over het meer staat een mooie Romeinse poort. Deze blijkt van elders naar hier verhuisd te zijn.

DSCF1246

DSCF1249

DSCF1261

I’m right on time in Navalmoral de la Mata. In the Pamo bike shop I meet even an English speaking Spaniard, so I can easily explain my problem. I’m lucky, because he goes right to work. My bike is ready an hour later (new front derailleur cable).
A few hundred meters further, however, I have flat tire. Just a nettle, but I see now there is a crack on the side wall of the tire as well. I wait till after the siesta, go back to Pamo bike shop where they install new front and back tires and check and grease the rear hub.

By 18:30 I leave the shop and I quickly cycle out of town, back to the Tagus by another road. The bridge here is downstream of the dam, so much deeper and so the subsequent climb higher.
The camping spot for tonight is okay but not top.

Ik ben netjes op tijd in Navalmoral de la Mata. In de Pamo fietsshop tref ik zelfs een Engelssprekende Spanjaard, dus kan ik m’n probleem netjes uitleggen. Ik heb geluk, want hij gaat gelijk aan de slag. M’n fiets is een uurtje later klaar (nieuwe kabel voorste derailleur).
Enkele honderden meters verder heb ik echter platte band. Gewoon een netel, maar ik zie dat er ook een scheur in de zijwand zit. Ik wacht dan maar tot na de siesta, ga terug naar Pamo fietsenwinkel en laat een nieuwe voor- en achterband steken, en gelijk ook de hub achteraan nakijken en invetten.

Tegen 18u30 kan ik verder en fiets gezwind het stadje uit, terug richting Taag via een ander weggetje. De brug hier is stroomafwaarts van de dam, en dus veel dieper, en de daaropvolgende klim dus hoger.
Het kampeerplaatsje voor vannacht is oke, maar niet top.

DSCF1267
They didn’t sell my good old Schwalbe Nobby Nicks in the bike shop.  I’m now riding with a Kenda tyre in the front and this Michelin Grip’r in the back.  What a shame they mounted it the wrong way in the shop… (Rear front :-/ )

It is again late morning when I leave my camping spot. Slow breakfasts while reading one or two short stories from Hercule Poirot, become the norm.
After less than two kilometers I arrive in the village Valdecanas the Tajo and I can refill the bottles with water on the village square.

Just outside the village is a sign indicating the Camino Natural de Tajo continues 9200 meters later in the village of Higuera de Albalat.
I just follow the GPS track that I have, and continue along an old, rutted asphalt road along the Tagus. Quickly the asphalt road reaches a death end where a tributary, the Garganta de Descuernacabras, flows into the Tagus. There is a grassy goat path up the river that I follow for a kilometer. I descend steeply to the river, remove my shoes and socks and wade through the river. On the other side I wash my cycling shorts and socks that I wore yesterday.

Yet again, I start mountaineering by bike. No trail, nothing, just dragging the bike straight up. This time it’s so steep, that even with extreme efforts, I can’t get it up. So ot’s off-loading the bike.

Drag the bike a bit up, go back down to pick up some luggage, back up, a water bottle which escapes me and rolls back down, so back down I go, and back up …. you get the point.
I takes me more than an hour to make 700 meters distance, in which I gain 200 meters altitude. At these moments I sometimes wonder what I’m doing.
But at the top, I always get at a track and have the whole area to myself. Incredible scenery, that justifies all the efforts.
But I don’t recommend this part when you’re alone. With two you can probably drag bike after bike to the top, but alone it’s almost impossible. The ordinary road into Higuera de Albalat, where the camino continues would be the better option.

Het is wederom late voormiddag wanneer ik m’n kampeerplekje verlaat. Traag ontbijten en tegelijkertijd één of twee kortverhalen van Hercule Poirot lezen, is de norm geworden.
Na nog geen twee kilometer arriveer ik in het dorpje Valdecanas de Tajo en kan ik de bidons bijvullen met water op het dorpspleintje.
Juist buiten het dorp staat een bord dat de Camino Natural de Tajo over 9200 m verder gaat in het dorp Higuera de Albalat. Ik volg gewoon de gps-track die ik heb, en rij via een oud, kapotgereden asfaltweggetje langs de Taag. Al snel loopt het asfaltweggetje dood waar een zijriviertje, de Garganta de Descuernacabras, in de Taag uitmondt. Er loopt een met gras begroeid geitenpaadje boven de rivier dat ik volg voor een kilometertje. Steil daal ik af naar de rivier, doe schoenen en sokken uit en doorwaad de rivier. Aan de overkant was ik m’n koersbroek en sokken uit die ik gisteren droeg.
En dan, opnieuw, is het bergbeklimmen met de fiets geblazen. Geen trail, niks, gewoon de fiets steil omhoog sleuren. Deze keer is het zo steil, dat ik zelfs met uiterste krachtsinspanningen de fiets niet hogerop krijg. Er zit niets anders op dan afladen.
Fiets stukje naar boven, zelf terug naar beneden om bagage op te halen, terug naar boven, drinkbus die me ontglipt en terug een eind naar beneden rolt, dus terug naar beneden, en terug …. you get the point.
Ik doe er meer dan een uur over om 700 meter af te leggen, waarin ik de fiets 200 meter de hoogte insleur. Op deze momenten vraag ik me wel eens af waar ik mee bezig ben.
Boven kom ik echter dan steeds op een ‘spoor’ en heb de hele omgeving voor mezelf. Ongelooflijke vergezichten, die het afzien weer een beetje vergoelijken
Maar ik raad het niet aan als je alleen bent. Met z’n tweeën kan je waarschijnlijk nog fiets per fiets naar boven sleuren, alleen is het eigenlijk ondoenbaar, en kan je beter de gewone weg nemen tot in Higuera de Albalat, waar de camino gewoon verder gaat.

DSCF1277

DSCF1288

On dirt roads, between the cows, I descend again to the Tagus River.
Back on the right bank of the Tagus I have to cross a dam on the reservoir of Arrocampo. When I’m cycling the dam, a voice through a megaphone says some stuff in Spanish. “No habla Espagnol” I think quietly to myself and ride on.
Remarkable are the high closures with rolls of barbed wire. This I have never seen on any other dam seen in Spain.
Later I read in an information brochure that I get in a tourist info, this reservoir is used to cool the nuclear plant. Fucking mess is here also.
Through the Embalse de la Anguila (nice!) I cycle on the village Serrejon.
I pitch the tent a little further in the fields.

Opnieuw daal ik over onverharde weggetjes, tussen de koeien door naar de Taag.
Terug op de rechteroever van de Taag moet ik een dam overfietsen aan het stuwmeer van Arrocampo. Wanneer ik de dam opfiets begint een stem door een megafoon vanalles te brabbelen in het Spaans. “No habla Espagnol”, denk ik bij mezelf en rij rustig verder. Opvallend zijn de hoge afsluitingen met rollen prikkeldraad. Dit heb ik nog aan geen andere dam gezien in Spanje.
Later lees ik in een infobrochure die ik in een touristinfo krijg, dat dit stuwmeer gebruikt wordt om de nucleaire centrale te koelen. Die kloterommel staat hier dus ook.
Via het Embalse de la Anguila (mooi !) fiets ik verder het dorpje Serrejon.
Een beetje verder in de velden zet ik m’n tent op.

DSCF1302
I feel there’s something wrong with this cow.

DSCF1307

The next day follows the drive through the Monfragüe Natural Park, one of the reasons I wanted to make this Extremadura loop. Via smooth rolling gravel roads I reach the park. Along the asphalt road through the park are many bird spotters. A few eagles and vultures are flying around, but frankly I’ve been in places in Spain where there are sometimes 30 or 40 circling above me, and that is certainly not the case here.

The Tiétar and Tagus flow together in the park The river makes for some spectacular turns.
The rest of the dirt road appears to be closed until 15th September. The ranger inthe info center gives ma a ‘permit’ to take ithe off-road path to Torrejon El Rubio. I follow this trail, but soon enough, this turns into an unridable, not even hike-a-bike section again so I turn around and ride on the asphalt road to Torrejon. Fences everywhere along the fields and there is nothing else than to continue cycling on towards the next village, Serradilla. Only when I again crossed the Tagus I find a piece of land to pitch the tent.

De dag nadien volgt de rit door het natuurpark Monfragüe, één van de redenen waarom ik deze extra loop door de Extremadura wilde maken. Over mooie, goed fietsende gravelwegen bereik ik het park. Langs het asfaltweggetje staan op verschillende plaatsen vogelaars. Er vliegen wel enkele arenden en gieren rond, maar eerlijk gezegd ben ik op plaatsen geweest waar er soms 30 of 40 boven me cirkelen, en dat is hier zeker niet het geval.

In het park vloeien de Tiétar en Taag samen. De rivier maakt hier enkele spectaculaire bochten.
Het vervolg van de onverharde route blijkt tot 15 september niet toegankelijk te zijn. Ik krijg in het infocenter nog wel een ‘permit’ om het off-road pad naar Torrejon El Rubio te nemen. Daar begin ik ook aan, maar al snel blijkt ok dat weer op bergbeklimmen neer te komen. Ik keer om en rij via de asfaltweg naar Torrejon. Overal omheiningen langs de velden en er zit niets anders op dan verder te fietsen richting Serradilla. Pas wanneer ik opnieuw de Taag overgestoken ben vind ik ergens een lapje grond om de tent op te zetten.

DSCF1320

DSCF1315

DSCF1323

In Serradilla I can rejoin the Camino Natural del Tajo direction Casas de Milan and Canaveral, where I turn the wheels north again and rejoin the Via de la Plata, the Silver Route, towards Santiago de Compostela.
Initially I wanted to continue driving north through the eastern part of Portugal, but that route was too old, and too many trails had been closed.
After yesterday’s camping spot which was not so good, I pitch the tent quite early on a hilltop and enjoy the rest of the afternoon sun.

In Serradilla kan ik opnieuw de Camino Natural del Tajo vervoegen richting Casas de Milan en Canaveral, waar ik de wielen noordwaarts draai en opnieuw de Via de la Plata, de Zilverroute, richting Santiago volg.
Aanvankelijk wilde ik via het oosten van Portugal verder noordwaarts rijden, maar die route was te oud, en teveel stukken waren inmiddels afgesloten.
Na de iets mindere kampeerplek gisteren zet ik de tent vrij vroeg op bovenop een heuvel en geniet de rest van de middag van het zonnetje.

DSCF1340

After Carcabosco the route meanders for some time through almost uninhabited areas. Often some nice single tracks.
Beautiful bicycle.

My loop around Extremadure took some tim, and it shows on the Silver Route. I meet a lot more pilgrims now it is already in early April.
Until Aldanueva del Camino the route runs 30 kilometers through a ‘no man’s land’. Many pilgrims seem to dread this, and some even find it “irresponsible.”
Well …. : – /
How disconnected can you be huh ?
Oh oh, no cell phone reception or a village for a while, and it is ‘irresponsible’. Then you have to walk into a shopping center and not in the mountains, I guess.

I didnt find Aldanueva del Camino very intersting. The next village, Banos de Montemayor, is much cooler and also the northernmost point on my route through the Extremadura.
Here I enter into the following region, Castilla y Leon.

Na het plaatsje Carcabosco trekt de route lange tijd door quasi onbewoonde gebieden over goed berijdbare single-tracks verder noordwaarts.
Prachtig fietsen.

Men ‘loop’ door de Extremadura heeft wat tijd gekost, en dat blijkt op de Zilverroute. Ik tref heel wat meer pelgrims nu het reeds begin april is.
Tot aan Aldanueva del Camino loopt de route een dikke 30 kilometer door een ‘niemandsland’. Veel pelgrims blijken hier tegenop te zien, en sommigen vinden het zelfs ‘onverantwoord’.
Tsja …. :-/
Hoe disconnected kan je worden he.
Oh oh, even geen gsm ontvangst of een dorp, en het is ‘onverantwoord’. Dan moet je in een shoppingcenter gaan wandelen en niet in de bergen medunkt.

Aldanueva del Camino vond ik niet veel soeps. Het volgende dorpje, Banos de Montemayor is veel toffer, en tevens ook het noordelijkste punt op mijn route door de Extremadura.
Hier fiets ik de volgende regio, Castilla y Leon in.

DSCF0024
Swallow nests

DSCF0031

DSCF0032

DSCF0034

DSCF0044

DSCF0051
I found this chap while I was pitching my tent. He stayed around all evening, but was gone the next morning.
DSCF0056
Only occasionally I make a nice camp fire.
DSCF0069
Roman gate.

Extremadura:
Distance: 741 km
Average km per cycling day: 46,31 km
Altimeter: 10.743 m

Nights slept inside: 7
Nights slept outside: 14 (all wild camping)
Flat tires: 3

My gps track can be downloaded from Wikiloc.